In deze verordening wordt verstaan onder:
aangesloten gemeente: een gemeente uit het werkgebied van de Metropoolregio Eindhoven buiten het Stedelijk Gebied Eindhoven om, en die als zodanig dezelfde regels hanteert bij het toewijzen van woonruimte aan urgent woningzoekenden als de gemeenten van voornoemd Stedelijk Gebied Eindhoven;
aanvrager: de woningzoekende die een aanvraag voor een urgentiebeschikking of huisvestingsvergunning indient, waarbij het ook mogelijk is dat een professional vanuit de gemeente, zorginstelling of corporatie de aanvraag indient namens de woningzoekende;
basisregistratie personen: de basisregistratie als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet basisregistratie personen;
begeleiding: een individuele maatwerkvoorziening geleverd door een door de gemeente aangewezen professionele organisatie op basis van de Wmo 2015 of de Wlz, die ondersteunt bij het zelfstandig wonen bij een sociale urgentiebeschikking of urgentiebeschikking medisch niet Wmo.
beschermd wonen: beschermd wonen als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
bijstandsnorm: de bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5, onder c van de Participatiewet;
CIZ-indicatie: de indicatie voor zorg op grond van de Wet langdurige zorg welke is verleend door het Centrum Indicatiestelling Zorg;
corporatie: zie woningcorporatie;
economisch gebonden: economisch gebonden als bedoeld in artikel 14, vierde lid, onder a van de wet;
eigen middelen: het eigen vermogen van de aanvrager van een urgentiebeschikking welke die kan aanwenden om zelf in de behoefte aan woonruimte te voorzien;
gedwongen verkoop: verkoop als bedoeld in het Tweede Boek, Derde titel, Tweede afdeling van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering;
huishouden: een meerderjarige alleenstaande, dan wel twee of meer personen waarvan
er ten minste één meerderjarig is en die twee jaar of langer een gemeenschappelijk
huishouden voeren;
huishoudinkomen: het gezamenlijke verzamelinkomen zoals bedoeld in artikel 1, eerste lid van de wet.
huisvestingsvergunning: een vergunning die aan urgent woningzoekenden wordt
verstrekt en waarmee deze een in artikel 13 bedoelde woning met voorrang in
gebruik kan nemen;
huurprijs: de prijs die bij huur en verhuur is verschuldigd voor het enkele gebruik van een woning, exclusief bijkomende (service)kosten;
huurtoeslag: een tegemoetkoming van het Rijk als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen in de kosten van het huren van een woning;
huurtoeslaggrens: de huurprijs als bedoeld in artikel 13, eerste lid, sub a, van de Wet op de huurtoeslag. De huurtoeslaggrens geeft de maximale huur van sociale huurwoningen aan. Dit is de maximale huur waarbij een huurder nog in aanmerking kan komen voor huurtoeslag;
ingezetene: de persoon feitelijk woonachtig in een gemeente en als zodanig ingeschreven in de basisregistratie personen als bedoeld in de Wet basisregistratie personen;
inkomensverklaring: een officiële verklaring van de Belastingdienst betreffende de inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar;
intramurale setting: een instelling waarbij een cliënt onafgebroken verblijft en zorg ontvangt;
maatschappelijk gebonden: maatschappelijk gebonden als bedoeld in artikel 14, vierde lid, onder b van de wet;
mantelzorg: mantelzorg als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; Metropoolregio Eindhoven: het samenwerkingsverband tussen de colleges en gemeenteraden van 21 gemeenten in de regio Zuidoost-Brabant zoals beschreven in de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven 2024 en tevens een in het kader van de Woningwet vastgestelde woningmarktregio.
noodsituatie: een in maatschappelijk opzicht onhoudbare of onwenselijke situatie die buiten verwijtbare schuld is ontstaan, waardoor een woningzoekende die niet zelfredzaam is op de woningmarkt en die het niet zelf lukt om een andere woonruimte te vinden, zonder passende huisvesting dreigt te komen (dreigende dakloosheid);
onzelfstandige woonruimte: woonruimte die geen eigen toegang heeft of niet door een huishouden kan worden bewoond zonder dat dit huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten de woonruimte;
opvang: opvang als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
participatie: participatie als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
sociale huurwoning: zelfstandige woonruimte verhuurd door of te huur aangeboden door een woningcorporatie waarvan de huurprijs die bij het aangaan van de huurovereenkomst onder of gelijk is aan de huurtoeslaggrens;
standplaats: kavel bestemd voor het plaatsen van een woonwagen waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten;
statushouder: een vergunninghouder, zijnde een vreemdeling die in Nederland een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd heeft aangevraagd en als gevolg daarvan een verblijfsvergunning heeft ontvangen als bedoeld in artikel 8, onderdeel a, b c of d, van de Vreemdelingenwet 2000 en die in die hoedanigheid nog niet eerder voor reguliere huisvesting in Nederland in aanmerking is gekomen;
Stedelijk Gebied Eindhoven: het geografisch afgebakende gebied van de gemeenten Best, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Helmond, Nuenen c.a., Oirschot, Son en Breugel, Veldhoven en Waalre;
urgentiebeschikking: beschikking waarmee een woningzoekende wordt ingedeeld in een urgentiecategorie, zodat die woningzoekende overeenkomstig het bepaalde in artikel 15 van de wet en hoofdstuk 3 van deze verordening voorrang heeft bij het verlenen van huisvestingsvergunningen;
urgentiecategorie: de urgentiecategorie als bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de wet;
urgentiecommissie: de door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen regionale commissie met als taak een advies uit te brengen over verzoeken van woningzoekenden om in een urgentiecategorie te worden ingedeeld, dan wel om namens het college te beslissen op een zodanig verzoek;
verblijfstitel: de grondslag voor rechtmatig verblijf in Nederland omdat iemand a. op grond van een wettelijke bepaling als Nederlander wordt behandeld; b) als vreemdeling rechtmatig verblijft in Nederland als bedoeld in artikel 10, tweede lid, onder b of c, van de wet;
wet: Huisvestingswet 2014
Wmo-verhuisprimaat: een besluit op grond van artikel 2.3.5 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 waarmee de woningzoekende in plaats van voorzieningen aan de huidige woonruimte een vergoeding voor verhuizing wordt geboden;
woningzoekende: huishouden dat woonruimte zoekt in het Stedelijk Gebied Eindhoven of in een aangesloten gemeente en om die reden geregistreerd is bij Wooniezie;
woningcorporatie: toegelaten instelling als bedoeld in artikel 19 van de Woningwet;
woonruimte: woonruimte als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet, met uitzondering van standplaatsen als bedoeld in artikel 3, derde lid, van de wet;
zelfredzaamheid: zelfredzaamheid als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
zelfstandige woonruimte: van een eigen afsluitbare toegang voorziene, woonruimte welke door een huishouden kan worden bewoond zonder dat dit huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten de woonruimte;
zoekprofiel: een beschrijving van de eigenschappen die de te betrekken woonruimte moet hebben, om het woonprobleem van de woningzoekende op te lossen.
HOOFDSTUK 1
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Eindhoven 2025-2029