Het college kan een aanvraag voor subsidie weigeren indien:
de activiteiten niet of niet in overwegende mate gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen of niet of nauwelijks ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen;
de activiteiten naar verwachting onvoldoende passen in het beleid van de gemeente, dit naar het oordeel van het college;
de activiteiten in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde en goede zeden;
de aanvrager niet beschikt over vergunning(en), indien deze voor de uitvoering van de activiteiten vereist is (zijn);
de activiteiten uitsluitend een partijpolitiek, godsdienstig of levensbeschouwelijk karakter hebben;
in het beoogde doel of de voorgenomen activiteit al op andere wijze in belangrijke mate is voorzien, naar het oordeel van het college;
de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden, kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken.