Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.5

Artikel 3.5.2

Waar lopen we tegenaan?

Onderdeel van Actualisatie Omgevingsbeleid 2025

Het aandeel locaties waar het vestigen van sportscholen rechtstreeks is toegestaan is beperkt (gebruik ten behoeve van sport (cultuur en ontspanning), in sommige gevallen maatschappelijk of gemengde doeleinden) en is vaak gekoppeld aan ter plekke aanwezige functie (bijvoorbeeld een gymzaal of een sportkantine). Sportscholen vragen ook om een specifiek type locatie. Het liefst dicht bij de gebruikers, goed bereikbaar, voldoende ruimte voor apparatuur, kleedruimtes en een bar, en betaalbaar. Maar sportscholen hebben ook behoorlijk wat uitstralingseffecten op de directe omgeving zoals verkeersaantrekkende werking, parkeerdruk, komen en gaan van bezoekers ook in de weekenden en avonduren en geluid als gevolg van muziek en gebruik van apparatuur. Sportscholen en fitnesscentra vallen onder milieucategorie 2 met een grootste hinderafstand van 30m in verband met geluid en verkeer als aandachtspunt. In gemengde gebieden kan eventueel een kleinere afstand (10 meter) gehanteerd worden. We zien in de praktijk dat als sportscholen een locatie vinden, deze vaak zijn gelegen op een bedrijventerrein in leegstaande panden. Deze panden zijn voor de sportschooleigenaren vaak betaalbaar, snel geschikt te maken vanwege de hogere plafonds en het is voor vastgoedeigenaren veelal lucratief om (al dan niet tijdelijk) te verhuren aan een sportschool. Tegelijkertijd hebben we ook een grote behoefte aan ruimte voor bedrijfslocaties en willen we niet dat sportscholen een verdringingseffect hebben op de vestigingsmogelijkheden voor reguliere bedrijvigheid. Daarnaast hebben sportscholen een sterk consumentgericht karakter en zijn voor sommige milieuaspecten ook gevoelige functies (zoals bijvoorbeeld externe veiligheid). Vestiging van een sportschool met een hoge gebruiksintensiteit kan daardoor belemmeringen en beperkingen opwerpen voor de ontwikkelingsmogelijkheden voor aangrenzende en omliggende bedrijven. Zeker daar waar het bedrijven in hogere milieucategorieën betreft (cat 3.1 en hoger). Bovendien is het ongewenst om verkeerstromen zoals zwaar vrachtverkeer enerzijds en sportschoolbezoekers op de fiets anderzijds op een bedrijventerrein te mengen.

Rechtspraak bij dit artikel