Oppervlakkig wortelende bomen niet in of nabij verharding toepassen i.v.m. wortelopdruk;
Minimale afstand tussen de stam van de boom en de rijbaan: minimaal 0,25 m x de kroondiameter bij volle wasdom en niet kleiner dan 1 m;
Minimale afstand tussen stam van boom en verkeersregelinstallatie: 10 m;
Minimale afstand tussen stam van boom en kabels en leidingen: 2,50 m zonder beschermende maatregelen;
Minimale afstand tussen stam van boom en kabels en leidingen: 1,50 m met beschermende maatregelen, dit is afhankelijk van de groeiruimte aan de ander zijde van de boom;
Antiworteldoek of antiwortelscherm beperkt toepassen i.v.m. instabiliteit boom;
Takvrije ruimte boven wegen: 4,50 m;
Takvrije ruimte boven fiets- en voetpaden: 3,50 m;
Boomroosters niet toepassen
Bomen bij voorkeur situeren in gras of beplanting.
Inrichting groeiplaats voor de bomen conform handboek bomen 2022 hoofdstuk 4;
Groeiplaatsinrichting altijd in overleg met de groenbeheerder.
Hoofdstuk 10 › Paragraaf 10.6
Artikel 10.6.1
Groeiplaats
Onderdeel van Leidraad Inrichting Openbare Ruimte 2025