**1..** Onverminderd het bepaalde in artikel 15, vierde lid van de wet weigeren burgemeester en wethouders een aangevraagde huisvestingsvergunning indien:
de aanvrager gelet op artikel 10, tweede lid, van de wet of artikel 4 van deze verordening niet voor een huisvestingsvergunning in aanmerking komt;
voor het in gebruik geven en nemen van de woonruimte waarop de aanvraag betrekking heeft, als gevolg van de toepassing van het lotingsinstrument of directe bemiddeling aan een andere woningzoekende een huisvestingsvergunning is verleend;
verlening van de aangevraagde huisvestingsvergunning zou leiden tot overschrijding van het in artikel 5, tweede lid, van deze verordening genoemde percentages; of
verlening van de aangevraagde huisvestingsvergunning zou leiden tot overschrijding van het in artikel 17 van deze verordening genoemde percentage.
**2..** Burgemeester en wethouders kunnen een aangevraagde huisvestingsvergunning weigeren, indien:
de aanvrager gelet op artikel 13 tot en met 17 van deze verordening niet voor de huisvestingsvergunning in aanmerking komt;
het te huur of te koop aanbieden van woonruimte niet overeenkomstig paragraaf 2.2 van deze verordening heeft plaats gevonden; of
voor zover van toepassing, de bekendmaking van het aanbod niet overeenkomstig paragraaf 2.2 van deze verordening heeft plaatsgevonden.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.3.
Artikel 10.
Weigeringsgronden van de huisvestingsvergunning
Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Schagen