Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.3.

Artikel 14.

Onderlinge volgorde binnen elke rangordegroep

Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Schagen

1.. Indien gelet op het bepaalde in artikel 13, tweede lid van deze verordening, niet bepaald kan worden welke woningzoekende als eerste in aanmerking komt voor de huisvestingsvergunning: komen de woningzoekenden op volgorde van de duur van de urgentieverklaring in aanmerking voor de huisvestingsvergunning, waarbij de woningzoekende met de urgentieverklaring met de oudste ingangsdatum als eerste in aanmerking komt; indien het onder a. bepaalde geen uitsluitsel biedt, komen de woningzoekenden op volgorde van hun inschrijfduur in aanmerking voor de huisvestingsvergunning, waarbij de woningzoekende met de langste inschrijfduur als eerste in aanmerking komt; indien gelet op het bepaalde onder b. meerdere woningzoekenden met dezelfde inschrijfduur in gelijke mate in aanmerking komen voor een huisvestingsvergunning, wordt de volgorde waarin zij voor de huisvestingsvergunning in aanmerking komen, door loting bepaald. 2.. Indien gelet op het bepaalde in artikel 13, tweede lid, onder a, onder IV, van deze verordening meerdere woningzoekenden in gelijke mate in aanmerking komen voor een huisvestingsvergunning, komen zij op volgorde van hun woonduur in aanmerking voor de huisvestingsvergunning, waarbij de woningzoekende met de langste woonduur als eerste in aanmerking komt. 3.. De in het eerste lid, onder c, bedoelde loting wordt verricht door of in opdracht van de aanbieder, op een wijze waarop elk van de in het eerste lid, onder c, bedoelde woningzoekende een gelijke kans heeft op elke plek in de door loting te bepalen volgorde. De gevallen waarin deze loting wordt verricht, wordt niet meegeteld in het in artikel 5, tweede lid, van deze verordening bedoelde percentage.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel