De in artikel 2 aanhef, lid 1 onder a en b, van de wet vervatte verboden, gelden niet ten aanzien van:
winkels in of op het terrein van musea, waar uitsluitend of hoofdzakelijk goederen worden verkocht, die rechtstreeks verband houden met het betreffende museum, gedurende de reguliere openingstijden;
winkels, waar uitsluitend maaltijden, voor directe consumptie geschikte eetwaren, alcoholvrije dranken worden verkocht;
winkels in of op het terrein van bejaardenoorden en/of verzorgingstehuizen;
winkels in of op het terrein van sportcomplexen, waar uitsluitend of hoofdzakelijk goederen worden verkocht, die rechtstreeks verband houden met de aldaar beoefende sporten, gedurende de openingstijden van die sportcomplexen;
gebouwen, waar voorstellingen, uitvoeringen of evenementen van culturele aard plaatsvinden, en waar uitsluitend of hoofdzakelijk goederen die rechtstreeks verband houden met aldaar te houden voorstellingen, uitvoeringen en evenementen worden verkocht, gedurende de reguliere openingstijden van die gebouwen;