Naar hoofdinhoud

Artikel 1.

Begripsbepalingen

Onderdeel van Aansluitverordening gemeente Eemsdelta 2025

In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: Aansluiting: het geheel van overdrachtspunt, leiding en inlaat voor de aanvoer van afvalwater. Aansluitpunt: de plaats waar het afvalwater van een perceel geloosd wordt op een perceelaansluitleiding. In het geval van vuilwater is dit een erfscheidingsput. In het geval van hemelwater en/of grondwater is dit een ontstoppingsstuk. Als het ontstoppingsstuk of de erfscheidingsput op meer dan 1 meter van de perceelsgrens op particulier terrein ligt, dan ligt het aansluitpunt op 0,50 meter binnen de perceelsgrens. Bij het ontbreken van een erfscheidingsput of ontstoppingsstuk, ligt het aansluitpunt op 0,50 meter binnen de perceelgrens. In het geval dat het hoofdriool door een particulier perceel loopt, dient het bochtstuk of (flexibele) T-stuk op de standpijp als aansluitpunt. Ook als er een ontstoppingsstuk of erfscheidingsput aanwezig is. Indien een vetafscheider, olieafscheider of andere voorziening die onderdeel uitmaakt van het particulier riool in openbare grond is gelegen: het punt waar die voorziening wordt aangesloten op de perceelaansluitleiding. Bij drukriolering: het punt waar het particulier riool wordt aangesloten op de pompput of vacuümput. Bij gemeentelijke IBA’s: het punt waar het particulier riool aansluit op de gemeentelijke IBA Wanneer de IBA gelegen is op openbaar terrein, ligt het aansluitpunt op 0,50 meter binnen de perceelsgrens. Afvalwater: alle water waarvan de houder zich - met het oog op de verwijdering daarvan - ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen. Bedrijfsafvalwater: afvalwater dat vrijkomt bij door de mens bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, ondernomen bedrijvigheid, dat geen huishoudelijk afvalwater, (afvloeiend) hemelwater of grondwater is. Bronneringswater: opgepompt ondiep grondwater. College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Eemsdelta. Drainagewater: grondwater, ingezameld middels een ingegraven doorlatend buizensysteem. Drukriolering: gedeelte van het openbaar riool, voor de afvoer van vuilwater, waarbij het transport door het riool plaats vindt door middel van onder- of overdruk. Erfscheidingsput: een controleput die dicht bij de erfscheiding ligt en bedoeld is voor inspectie en onderhoud in geval van verstopping. (Gemeentelijke) IBA: voorziening voor de individuele behandeling van afvalwater, in eigendom bij de gemeente. Gemengd stelsel: openbaar riool voor de afvoer van afvalwater en hemelwater. Grondwater: water afkomstig uit de ondergrond, dat vrij onder het aardoppervlak voorkomt, met daarin de aanwezige stoffen. Hieronder vallen drainagewater en bronneringswater. Hemelwater: water afkomstig van neerslag. Huishoudelijk afvalwater: afvalwater uit particuliere huishoudens afkomstig van keukens, toiletten, badkamers, wasmachines en dergelijke. Ontstoppingsstuk: hulpstuk waarin een met een deksel afsluitbare opening is aangebracht en bedoeld is voor inspectie en onderhoud in geval van verstopping. Openbaar riool: het gedeelte van de riolering, dat bij de gemeente in eigendom en beheer is voor de inzameling en het transport van afvalwater, met inbegrip van de daartoe behorende rioolgemalen, persleidingen en werken en installaties van overeenkomende aard. Particulier riool: de binnen de erfgrenzen liggende riolering van het aan te sluiten perceel tot aan het aansluitpunt. Hieronder vallen alle riolen die niet van de gemeente zijn (bedrijven, instellingen, etc.). Perceelaansluiting: de aansluiting van een perceel op het openbaar riool, bestaande uit een inlaat, standpijp, perceelaansluitleiding en aansluitpunt. Perceelaansluitleiding: de leiding van de perceelaansluiting die zich tussen het aansluitpunt en de inlaat op het openbaar riool bevindt. Rechthebbende: de eigenaar, de vereniging van eigenaren of de zakelijk gerechtigde van het perceel ten behoeve waarvan de aansluiting op het openbaar riool wordt gerealiseerd en in stand gehouden; de rechtverkrijgende onder algemene of bijzondere titel van de onder 1 bedoelde persoon. (Verbeterd) gescheiden stelsel: rioolstelsel waarbij het hemelwater, al dan niet door het openbaar riool, gescheiden van het buizenstelsel voor de afvoer van vuilwater wordt afgevoerd. Vuilwater: huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater Artikel 2. Afbakening Deze verordening is van toepassing op percelen binnen de gemeente Eemsdelta waarvoor aansluiting op een gemeentelijk rioolstelsel of voorziening voor afvalwater mogelijk of vereist is; Deze verordening heeft uitsluitend betrekking op de technische en feitelijke aansluiting als bedoeld in het eerste lid, en ziet niet op de milieuhygiënische beoordeling van lozingen. Artikel 3. Aansluiting op het openbaar riool Het is verboden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het college een aansluiting tot stand te brengen, te wijzigen of in stand te houden tussen het particulier riool en het gemeentelijk riool of de voorziening ligt. Toestemming wordt uitsluitend verleend indien de perceelsgrens binnen 40 meter van het gemeentelijk riool of de voorziening ligt. Toestemming wordt uitsluitend verleend voor aansluiting indien voldaan is aan de volgende voorwaarden: Gemengd stelsel: afvalwater, vuilwater, hemelwater en/of grondwater kunnen worden aangesloten; hemelwater en/of grondwater alleen indien berging of infiltratie op eigen terrein of lozing op oppervlaktewater redelijkerwijs niet mogelijk is. (Verbeterd) gescheiden stelsel: vuilwater wordt aangesloten op het vuilwaterriool; hemelwater en/of grondwater (zoals drainagewater) wordt aangesloten op het hemelwaterriool; hemelwater en/of grondwater alleen indien berging of infiltratie op eigen terrein of lozing op oppervlaktewater redelijkerwijs niet mogelijk is. Drukriolering: uitsluitend vuilwater wordt aangesloten. Gemeentelijke IBA: uitsluitend vuilwater wordt aangesloten. Toestemming voor de aansluiting van hemelwater en/of grondwater wordt slechts verleend indien redelijkerwijs: berging op eigen terrein niet mogelijk is; infiltratie op eigen terrein niet mogelijk is; lozing op oppervlaktewater niet mogelijk is. Indien meer dan één aansluiting tot stand wordt gebracht of gewijzigd, geldt het verbod in lid 1 voor elke aansluiting afzonderlijk. Het aanleggen van een aansluiting wordt als bezwaarlijk beschouwd indien: de onderkant (binnenonderkant buis) van het aansluitpunt lager ligt dan de bovenzijde van het openbaar riool, vermeerderd met 200 mm plus de benodigde hoogte voor het afschot van de perceelsaansluitleiding (1 %); de bovenzijde van een lozingstoestel lager is gelegen dan 150 mm boven de kruin van de straat, tenzij wordt aangesloten via een pompinstallatie voorzien van terugslagklep; een gecombineerde afvoer (hemelwater en vuilwater) wordt gevraagd terwijl een gescheiden stelsel, IBA of drukriolering aanwezig is; een lozing plaatsvindt waarvoor een vergunning is vereist onder milieuwetgeving, maar deze niet is verleend of niet aan de regels is voldaan; het rioolstelsel onvoldoende capaciteit heeft; een omgevingsvergunning of vergunning voor een milieubelastende activiteit is geweigerd. Het college weigert toestemming indien een aansluiting, of wijziging daarvan, vanwege technische, juridische, milieutechnische of (milieu)economische gronden bezwaarlijk is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel