(artikel 2.5 Wmo-verordening 2025)
**1..** In aanvulling op artikel 2.5 van de Verordening stelt de cliënt voor de aanvraag van een persoonsgebonden budget een pgb-plan op. In het pgb-plan motiveert de cliënt waarom hij een pgb wenst en vermeldt hij door wie de ondersteuning geleverd wordt.
**2..** Indien de aanvraag voor een persoonsgebonden budget een maatwerkvoorziening voor aanvullende individuele ondersteuning, dagbesteding, hulp bij het huishouden, begeleid thuis of logeeropvang betreft, worden bij het pgb-plan ingediend:
een zorgplan, waarin de betrokken hulpverlener aangeeft welke bijdrage hij levert aan de doelen van de cliënt en in geval van hulp bij het huishouden een activiteitenoverzicht;
indien de hulp geleverd wordt door een professionele zorgverlener een KvK uittreksel met een SBI-code;
indien cliënt onder curatele staat of wanneer zijn zaken onder bewind zijn gesteld een afschrift van de rechterlijke uitspraak;
een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) van de betrokken hulpverlener, tenzij de hulpverlener een familielid, tot in de vierde graad, is van de cliënt.
**3..** In afwijking van het eerste lid kan bij de aanvraag van een persoonsgebonden budget voor een woonvoorziening, vervoersvoorziening of rolstoel een pgb-plan achterwege blijven.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.1
Aanvraag persoonsgebonden budget
Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning Amsterdam 2025