(artikel 3.5 Wmo-verordening 2025)
**1..** In aanvulling op artikel 3.5 derde lid van de Verordening kan noodopvang of tijdelijke huisvesting worden geboden in een van de volgende vormen:
passantenpension voor personen die voorafgaand minimaal drie jaar rechtmatig in Nederland hebben verbleven en minstens twee jaar daarvan via de Basisregistratie Personen staan ingeschreven in Amsterdam, gericht op:
verblijf van tussen de zes en twaalf maanden waarin aan cliënt een plek wordt geboden om een oplossing voor het woonprobleem te zoeken; en
het bieden van praktische ondersteuning gericht op uitstroom waaraan de cliënt actief dient mee te werken door onder meer passende verblijf- of woonoplossingen te accepteren;
alternatieve tijdelijke huisvesting waarbij het college maatschappelijk partners stimuleert om alternatieve tijdelijke huisvesting te organiseren, waar Amsterdammers gedurende een jaar samen met ondersteuning zoeken naar een nieuwe woonoplossing;
noodopvang voor dakloze gezinnen, waarvan alle leden de afgelopen vier jaar in de Basisregistratie Personen Amsterdam stonden ingeschreven, voor de duur van drie maanden met de mogelijkheid om te verlengen met drie maanden als het gezin voldoende meewerkt, gericht op:
het bieden van een plek waarin betrokkenen en hun kinderen een oplossing voor het woonprobleem kunnen zoeken;
het bieden van begeleiding gericht op uitstroom; en
het samen met het gezin opstellen van een evaluatie waarin de voortgang van het verblijf in de noodopvang wordt beschreven.
**2..** In aanvulling op het eerste lid onder c geldt bij co-ouderschap dat een ouder toegang tot de noodopvang voor dakloze gezinnen krijgt als:
de ouder minimaal voor 50% van de tijd de zorg heeft voor kind(eren) of er sprake is van een gefaseerde terugplaatsing van kind(eren) voor minimaal 50% van de tijd;
de gelijke verdeling van de zorg over beide ouders (50/50% regeling) is vastgelegd in een officieel ouderschapsplan, omgangsplan, plan van aanpak hulpverlening of perspectiefplan jeugdzorg; en
het omgangsplan/ouderschapsplan is bekrachtigd door een mediator, notaris, een gecertificeerde instelling, professionele hulpverlener of is vastgesteld bij de rechtbank, of bij een relatiebreuk waarbij geen officiële instantie is betrokken het omgangsplan/ouderschapsplan is bekrachtigd met een gelegaliseerde handtekening.
**3..** In aanvulling op het eerste lid onder c gelden gedurende het verblijf in de noodopvang de volgende voorwaarden:
het gezin werkt maximaal mee aan een traject dat gericht is op uitstroom, waar mogelijk binnen het eigen netwerk zijn;
het gezin schrijft zich in bij Woningnet en reageert wekelijks op maximaal kansrijke woningen;
het gezin schrijft zich - gezien de lange wachtduur voor een sociale huurwoning in Amsterdam - in bij minimaal drie woningzoeksites in krimpregio’s, bij 15 (gratis) woningsites met lootwoningen en bij minimaal drie anticipeerregio’s en reageert iedere week op al deze sites aantoonbaar op woningen;
het gezin betaalt de eigen bijdrage tenzij het gezin verblijft in een opvanglocaties waar huur betaald wordt;
het gezin houdt zich aan de huisregels van de opvanglocatie;
het gezin is niet zonder voorafgaande toestemming afwezig tussen 22:00 uur en 06:00 uur;
het gezin weigert geen passende woning ;
het gezin werkt mee aan overplaatsing binnen de keten van de gezinsopvang of daarbuiten; en
het verblijf in de noodopvang telt niet mee bij het vaststellen van de bindingseis van vier jaar met Amsterdam.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2
Noodopvang en tijdelijke huisvesting
Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning Amsterdam 2025