In aanvulling op de weigeringsgronden zoals opgenomen in de Algemene wet bestuursrecht en artikel 6 en 7 van de ASV wordt een subsidie geweigerd:
Als de aanvraag betrekking heeft op een onroerende zaak dat niet als monument beschermd is, dan wel het monument niet binnen de gemeente Breda gelegen is;
Als de aanvraag betrekking heeft op een gemeentelijk monument dat geen onderdeel is van het privévermogen van de aanvrager of een rijksmonument, tenzij de aanvrager vooraf door burgemeester en wethouders is aangewezen als een organisaties voor monumentenbehoud of de aanvraag betrekking heeft op maalvaardige molens (monumentnummers 30490 en 30511);
Als de werkzaamheden waarvoor subsidie is aangevraagd niet noodzakelijk is voor de instandhouding van het beschermde monument, dan wel de werkzaamheden naar het oordeel van burgemeester en wethouders niet somber en doelmatig zijn;
Als de restauratiebehoefte naar oordeel van burgemeester en wethouders is ontstaan door onvoldoende onderhoud door de eigenaar van het beschermde monument;
indien voor de instandhouding van het monument of het zelfstandige onderdeel voor vergelijkbare werkzaamheden afgelopen 15 jaar subsidie is verstrekt;
indien het bedrag, dat overeenkomstig de bepalingen van deze regeling zou worden verstrekt, lager is dan € 3.000,-.
Hoofdstuk 15 › Paragraaf 15.4
Artikel 15:27
Weigeringsgronden
Onderdeel van Algemene subsidieregeling gemeente Breda 2026