Naar hoofdinhoud
Deze bepaling vormt een invulling van artikel 155, eerste lid, van de Gemeentewet met betrekking tot het vragenrecht. Met het vraagrecht krijgt de raad de mogelijkheid over vooraf ingebrachte onderwerpen (leden van) het college aan de tand te voelen. Het karakter van het vraagrecht verschilt dan ook van het recht van interpellatie. Het recht van interpellatie heeft als instrument een zwaarder politiek karakter. Leden van de raad kunnen aan het college inlichtingen vragen over het door hem gevoerde bestuur, voor zover dat niet bij geagendeerde onderwerpen aan de orde komt. Raadsleden vragen daarmee leden van het college zich te verantwoorden voor het door hen gevoerde bestuur. De vragen die burgers stellen zijn veelal van een ander karakter dan die van raadsleden. Ze zijn meer gericht op het aan de orde stellen van een probleem dan het ter verantwoording roepen van het college. Voor burgers is daarom een andere procedure opgenomen voor het stellen van vragen. Voor zowel raadsleden als burgers is een aanmeldingstermijn voor vragen opgenomen vanwege het feit dat wethouders moeten worden uitgenodigd om antwoord te kunnen geven op de vragen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel