Het vooronderzoek vindt plaats op een door de burgemeester te bepalen wijze, waarbij voor de betreffende melding de meest geëigende onderzoeksmethode wordt gekozen.
In alle gevallen kan de burgemeester opdracht geven aan een externe integriteitsdeskundige om advies uit te brengen.
Indien het vooronderzoek geen aanleiding geeft voor het instellen van een nader onderzoek, besluit de burgemeester het onderzoek niet verder voort te zetten en informeert hij de politieke ambtsdrager en de melder hierover.
Indien op grond van het vooronderzoek de noodzaak blijkt, vindt nader onderzoek plaats op grond van artikel 7 van deze regeling nadat de Commissaris van de Koning in kennis is gesteld van de melding.
De burgemeester doet indien mogelijk (vertrouwelijk) mededeling van de resultaten van het vooronderzoek aan de fractievoorzitters en eventueel het college.
Artikel 6.
Vooronderzoek
Onderdeel van RAADSBESLUIT TOT VASTSTELLING VAN HET PROTOCOL VERMOEDEN VAN INTEGRITEITSSCHENDINGEN POLITIEKE AMBTSDRAGERS VEENENDAAL