Naar hoofdinhoud
Een politiek ambtsdrager doet opgave van zijn financiële belangen. Bij privaat-publieke samenwerkingsrelaties voorkomt de politiek ambtsdrager (de schijn van) bevoordeling in strijd met eerlijke concurrentieverhoudingen. Een politiek ambtsdrager handelt in de uitoefening van zijn ambt niet zodanig dat hij vooruitloopt op een functie na aftreden. Een voormalig politiek ambtsdrager wordt het eerste jaar na de beëindiging van zijn ambtstermijn uitgesloten van het verrichten van werkzaamheden voor de gemeente. Indien de onafhankelijke oordeelsvorming van een politiek ambtsdrager over een onderwerp in het geding kan zijn, geeft hij bij de besluitvorming daarover aan in hoeverre het onderwerp hem persoonlijk aangaat. Een politiek ambtsdrager die familie- of vriendschapsbetrekkingen of anderszins persoonlijke betrekkingen heeft met een aanbieder van diensten of zaken aan de gemeente, onthoudt zich van deelname aan de beraadslaging over het te nemen besluit. Een politiek ambtsdrager neemt van een aanbieder van diensten of zaken aan de gemeente, geen geschenken, faciliteiten of diensten aan die zijn onafhankelijke positie ten opzichte van de aanbieder kunnen beïnvloeden.

Rechtspraak bij dit artikel