In deze afdeling wordt verstaan onder:
acuut gevaar: indien in ieder geval voorzienbaar is dat als gevolg van gebreken van een houtopstand op korte termijn de levens van mensen in gevaar worden gebracht en/of goederen worden beschadigd en/of sprake is van ernstige boomziektes en/of het gevaar voor verspreiding van ernstige boomziektes;
beschermde boom: een boom vastgelegd op de ‘Kaart beschermde bomen en houtopstanden’;
bebouwingscontour houtkap: bebouwingscontour als bedoeld in artikel 5.165b Besluit kwaliteit leefomgeving;
beschermde houtopstand: een houtopstand vastgelegd op de ‘Kaart beschermde bomen en houtopstanden’;
bevoegd gezag: het bestuursorgaan dat een vergunningaanvraag behandelt, meldingen ontvangt en bevoegd is voor toezicht en handhaving;
Bomen Effect Analyse (BEA): een standaard beoordeling door een boomtechnisch adviseur (European tree technician (ETT), met als doel het inzichtelijk maken van de effecten van de voorgenomen bouw- of aanlegwerkzaamheden voor een boom of houtopstand, op basis van landelijke richtlijnen van de Bomenstichting;
bomenonderzoek: onderzoek waarin o.a. de boomsoort, standplaats, vitaliteit en levensverwachting van de boom wordt onderzocht. Het onderzoek behelst een visual tree assessment (VTA), boomveiligheidscontrole (BVC) en/of nader technisch onderzoek (NTO). Dit onderzoek dient te worden uitgevoerd door een boomdeskundige, afhankelijk van het type onderzoek.
boom: een houtig opgaand gewas zowel levend als afgestorven met een dwarsdoorsnede van de stam van minimaal 10 centimeter op 1,30 meter hoogte boven het maaiveld. In geval van meerstammigheid geldt de dwarsdoorsnede van de dikste stam;
boomdeskundige: persoon in het bezit van een ETT (European Tree Technician) certificaat of aantoonbaar vergelijkbaar kennisniveau;
boomwaarde: de monetaire waarde van een boom of houtopstand zoals getaxeerd volgens de meest recente richtlijnen van Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Voerendaal;
cultuurhistorische waarde: hieronder wordt verstaan,
herdenkingsboom: geplant ter gelegenheid van een belangrijke gebeurtenis;
markeringsboom: geplant ter markering, zoals grensbomen in het agrarisch gebied of bakenbomen langs de rivieren;
kruis/kapelboom: geplant naast een kapel of kruisbeeld om de locatie te benadrukken;
bijzondere snoeivorm: bijvoorbeeld kunst snoeivorm;
dunnen: selectieve kapping van bomen en/of struiken in houtopstanden, waarbij toekomstbomen meer ruimte krijgen en geen areaal in de houtopstand verloren gaat;
fysieke leefomgeving: de fysieke leefomgeving omvat in ieder geval natuur, bodem, water, lucht, landschappen, bouwwerken, infrastructuur, cultureel erfgoed en werelderfgoed;
gekandelaberde bomen: bomen waarbij de boomkroon is teruggezet tot op de gesteltakken;
haag: een dichte rij struiken, die periodiek wordt gesnoeid of geschoren;
hakhout: een loofbos bestaande uit houtgewas dat periodiek wordt gesnoeid /gekapt tot op de stronk van de bomen;
hakhoutbeheer: beheervorm van een bosperceel, waarbij de bomen en struiken worden gesnoeid/ gekapt tot een hoogte evenredig aan de dikte van de stam;
‘Kaart beschermde bomen en houtopstanden’: de informatieve kaart/het geometrisch informatiepakket met daarop aangegeven de beschermde bomen en houtopstanden en ook de bebouwingscontour houtkap als bedoeld in artikel 5.156b Besluit kwaliteit leefomgeving, met een daarbij behorend register;
herbeplanten: door aanplant, bezaaiing of natuurlijke verjonging of op andere wijze realiseren van een nieuwe boom of houtopstand na velling;
herplantwaarde: de monetaire waarde om een boom of houtopstand te herplanten zoals bepaald door het college;
houtopstand: houtopstand als bedoeld in artikel 1.1 van de Omgevingswet, te weten: zelfstandige eenheid van bomen, boomvormers, struiken, hakhout of griend;
kandelaberen: terugzetten van de boom tot op de gesteltakken;
kandelaren: terugzetten van de boom tot de aanzet van de gesteltakken op de stam;
knotten: terugzetten van de stam;
monumentale boom of houtopstand: een beschermwaardige boom of houtopstand vanwege behoud cultureel erfgoed met een bijzondere monumentale-, schoonheid- of zeldzaamheidswaarde qua leeftijd of verschijningsvorm, of een bijzondere betekenis of functie voor de omgeving, of een boom opgenomen in het Landelijk Register van Monumentale bomen van de Bomenstichting;
noodvelling/noodkap: kappen, vellen en snoeien van (delen van) bomen of houtopstanden vanwege aantoonbaar gevaar voor de mens en/of de omgeving;
knotbomen: bomen waarbij de boomkroon is teruggezet tot op de stam;
krooninname: terugzetten van de omvang van de kroon of toppen
leibomen: bomen waarbij de gesteltakken zijn geleid in een bepaalde vorm;
omgevingsvergunning: een officiële toestemming van een overheidsinstantie aan burgers, bedrijven en andere overheden om bepaalde activiteiten te verrichten in de fysieke leefomgeving;
taxatie: het taxeren van (schade aan) een boom op basis van een beoordeling via de Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen-methode volgens de meest recente richtlijnen;
toekomstboom: een boom die behouden blijft, omdat deze is vrijgesteld met een vooropgesteld doel;
ontheffing: een beschikking, waarbij in een individueel geval een uitzondering op een wettelijk verbod of gebod wordt gemaakt;
vellen: vellen als bedoeld in artikel 1.1 van de Omgevingswet, te weten: rooien of verrichten van andere handelingen die de dood of ernstige beschadiging van een houtopstand tot gevolg kunnen hebben. Waaronder mede begrepen het vellen van een solitaire boom, het kandelaberen, kandelaren, knotten, verwijderen van meer dan 20 procent van de kroon of het wortelgestel, of aantasting van het wortelgestel door externe factoren zoals vergiftiging, bodemverdichting of wijzigingen in de grondwaterstand.