De regels in deze paragraaf zijn gesteld met het oog op:
het beschermen van de natuur en de biodiversiteit;
het waarborgen van de biologische en ecologische functies van bomen en houtopstanden;
het verminderen van de effecten als gevolg van klimaatverandering;
het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden;
het beschermen van de cultuurhistorische waarde van bomen en houtopstanden inclusief waardevolle landschapselementen;
het beschermen van de beeldbepalende waarde van bomen en houtopstanden;
het behouden en instandhouden van beschermde bomen en beschermde houtopstanden;
het behoud van de toegankelijke openbare buitenruimte voor personen;
het bevorderen van een gezonde woon- en leefomgeving;
het bevorderen van de leefbaarheid en aantrekkelijkheid van de woon- en leefomgeving.