1.
De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge artikel 10.11 van de Wet milieu-beheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.
2.
Voor toepassing van het eerste lid wordt als gebruiker aangemerkt:
a.
degene die naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht feitelijk gebruik maakt van het perceel;
b.
ingeval een gedeelte van een perceel ten gebruike is afgestaan: degene die dat gedeelte ten gebruike heeft afgestaan.
Hoofdstuk
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van verordening op de heffing en invordering van de reinigingsheffingen 2011