**1..** De hoogte van een pgb wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee de ouder(s) en/of jeugdige veilige, doeltreffende en kwalitatief goede hulp dat onder de individuele voorzieningen valt bij derden kan inkopen.
**2..** De gemeente stelt de hoogte van het pgb vast op ten hoogste de kostprijs voor de gemeente van de goedkoopste vorm van hulp in natura. Een overzicht van de toepasselijke tarieven en de totstandkoming daarvan is opgenomen in bijlage 1 van deze verordening. Als uit het door de ouder(s) en/of jeugdige opgesteld pgb-plan dat door de gemeente is goedgekeurd blijkt dat passende hulp voor een lager tarief kan worden ingekocht, wordt het pgb op dit lagere tarief vastgesteld.
**3..** Als het vastgestelde pgb in een individueel geval onvoldoende is om passende hulp te kunnen inkopen, wordt het tarief zodanig aangepast dat de hulp hiermee bij tenminste één aanbieder kan worden ingekocht.
**4..** De maximale pgb tarieven voor formele hulp die in bijlage 1 van deze verordening staan, worden jaarlijks aangepast met ingang van 1 januari. Dat gebeurt met een indexering die gelijk is aan de indexering voor de tarieven voor gecontracteerde jeugdhulp. Deze indexering is gebaseerd 80% OVA-indexering (overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling) en 20% PPC-indexering (prijsindexcijfer particuliere consumptie). De tarieven voor informele hulp die in bijlage 1 van deze verordening staan, worden jaarlijks met ingang van 1 januari aangepast aan het informele tarief van de Wet langdurige zorg (Wlz). Het maximale tarief voor informele hulp in de vorm van kortdurend verblijf (logeren) wordt jaarlijks aangepast aan de gemiddelde pleegvergoeding die jaarlijks door het Rijk wordt vastgesteld.