Tarieven voor bouwvergunningen
Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van een lichte en reguliere bouwvergunning, als de bouwkosten bedragen:
€ 2.250,00 of minder, € 54,00;
tussen € 2.251,00 tot en met € 4.500,00, € 54,00 vermeerderd met 4,53% van de bouwkosten boven € 2.250,00;
tussen € 4.501,00 tot en met € 22.500,00, € 156,00 vermeerderd met 3,78% van de bouwkosten boven € 4.500,00;
tussen € 22.501,00 tot en met € 45.000,00, € 837,00 vermeerderd met 2,28% van de bouwkosten boven € 22.500,00;
tussen € 45.001,00 tot en met € 225.000,00, € 1.350,00 vermeerderd met 2,25% van de bouwkosten boven € 45.000,00;
tussen € 225.001,00 tot en met € 450.000,00, € 5.400,00 vermeerderd met 1,92% van de bouwkosten boven € 225.000,00;
€ 450.000,00 of hoger, 2,16% van de bouwkosten.
Een gemeentelijk dan wel rijksmonument is vrijgesteld van leges en toeslagen als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder a van de Wabo, met uitzondering van de toeslag genoemd in artikel 44.
Artikel 42
Beoordeling bodemrapport
Onverminderd het bepaalde in artikel 41 bedraagt het tarief indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld, voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport, € 69,00.
Artikel 43
Verplicht advies agrarische commissie
Onverminderd het bepaalde in artikel 41 bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de agrarische commissie wordt beoordeeld, € 500,00.
Artikel 44
Achteraf ingediende aanvraag
Onverminderd het bepaalde in artikel 42 bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de agrarische commissie wordt beoordeeld, € 150,00.
Artikel 45
Aanlegactiviteiten
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder b van de Wabo bedraagt het tarief, € 46,00.
Artikel 46
Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouwactiviteit
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder c van de Wabo en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder a van de Wabo bedraagt het tarief onverminderd het bepaalde in artikel 42:
indien met toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder a van de Wabo van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken (buitenplanse afwijking); de kosten die voor de te voeren procedure, zoals voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager schriftelijk is medegedeeld en blijkt uit een begroting die door of vanwege het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
indien met toepassing van artikel 2.12, lid 2, van de Wabo voor een bepaalde termijn van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken (tijdelijke afwijking) € 46,00.
indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft en met toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder c van de Wabo van de krachtens artikel 4.1, lid 3 van de Wet ruimtelijke ordening bij of krachtens provinciale verordening gegevens regels is afgeweken: de kosten die voor de te voeren procedure, zoals voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag van de aanvrager schriftelijk is medegedeeld en blijkt uit een begroting die door of vanwege het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft en met toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder c van de Wabo van de krachtens artikel 4.3, lid 3 van de Wet ruimtelijke ordening bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gegeven regels is afgeweken: de kosten die voor de te voeren procedure zoals voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager schriftelijk is medegedeeld en blijkt uit een begroting die door of vanwege het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
Artikel 47
Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder c van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit of een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, lid 1 onder a van de Wabo bedraagt het tarief:
Indien met toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder a van de Wabo van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken (binnenplanse afwijking), € 46,00.
Indien met toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder a van de Wabo van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken (buitenplanse kleine afwijking), € 114,00.
Indien met toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder a van de Wabo van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken (buitenplanse afwijking); de kosten die voor de te voeren procedure, zoals voorafgaand aan het in het behandeling nemen van de aanvrager aan de aanvrager schriftelijk is medegedeeld en blijkt uit de begroting die door of vanwege het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
Indien met toepassing van artikel 2.12, lid 2, van de Wabo voor een bepaalde termijn van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken (tijdelijke afwijking), € 46,00.
Indien met toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder b van de Wabo van het exploitatieplan is afgeweken, € 114,00.
Indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft en met toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder c van de Wabo van de krachtens artikel 4.1, lid 3 of lid 5 van de Wet ruimtelijke ordening bij of krachtens provinciale verordening onderscheidenlijk provinciale verklaring gegeven regels is afgeweken, € 114,00.
Indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft en met toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder c van de Wabo van de krachtens 4.3, lid 3 of lid 4 van de Wet ruimtelijke ordening bij of krachtens algemene maatregel van bestuur onderscheidenlijk ministeriele verklaring gegeven regels is afgeweken, € 114,00.
Indien artikel 2.12, lid 1 onder d van de Wabo wordt toegepast, € 114,00.
Artikel 48
In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder d van de Wabo bedraagt het tarief € 146,00.
Het tarief in lid 1 wordt verhoogd voor een inrichting met een oppervlakte tussen:
0 m2 tot 100 m2 met € 99,00;
100 m2 tot 500 m2 met € 1,00 per m2;
500 m2 tot 2.000 m2 met € 499,00 vermeerderd met € 0,31 per m2 boven 499 m2;
2.000 m2 tot 5.000 m2 met € 964,00 vermeerderd met € 0,08 per m2 boven 1.999 m2;
5.000 m2 tot 50.000 m2 met € 1.204,00 vermeerderd met € 0,02 per m2 boven 4.999 m2;
boven 50.000 m2 met € 2.104,00 vermeerderd met € 0,01 per m2 boven 49.999 m2.
Voor het wijzigingen van een bestaande vergunning van een bouwwerk dat gedeeltelijk wordt vernieuwd, dan wel veranderd of vergroot, worden leges slechts berekend over het oppervlak van de ruimten die direct grenzen aan de beschouwde ruimte(n) met een maximum van tweemaal de oppervlakte van de ruimten die worden vernieuwd, veranderd of vergroot.
Voor het wijzigen van een bestaande vergunning voor een veranderd gebruik zonder dat sprake is van verbouwing of anderszins worden de leges slechts berekend over het oppervlak waarvoor het gewijzigde gebruik geldt, vermeerderd me het oppervlak van de ruimten die direct grenzen aan de beschouwde ruimte(n) met een maximum van twee maal de oppervlakte van de beschouwde ruimte.
Artikel 49
Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder g van de Wabo, bedraagt het tarief per m3 te slopen inhoud € 0,13 met een minimum van, € 30,00.
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk waarvoor ingevolge een provinciale verordening of artikel 8.1.1. van de Bouwverordening van de gemeente Oss een vergunning of ontheffing is vereist, bedoeld in artikel 2.2, lid 1, aanhef en onder a van de Wabo, bedraagt het tarief per m3 te slopen inhoud € 0,13 met een minimum van, € 30,00.
Artikel 50
Asbesthoudende materialen
Het tarief indien de in artikel 49 bedoelde aanvraag betrekking heeft op een bouwwerk waarin asbest of een asbesthoudend product aanwezig is, is verdisconteerd in de leges die op grond van artikel 49 in rekening worden gebracht.
Artikel 51
Aanleggen of veranderen weg
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor ingevolge een bepaling in een provinciale verordening of een artikel van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en lid 1, onder d van de Wabo bedraagt het tarief hetgeen voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager schriftelijk is medegedeeld en blijkt uit een begroting die door of vanwege het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
Artikel 52
Uitweg/inrit
indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben of veranderen van het gebruik van een uitweg waarbij de uitvoering in eigen beheer wordt verricht waarvoor ingevolge een bepaling uit een provinciale verordening of ingevolge artikel 2.1.5.3. van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist als bedoeld in artikel 2.2, lid 1 aanhef en onder e van de Wabo bedraagt het tarief € 114,35.
indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben of veranderen van het gebruik van een uitweg waarbij de uitvoering door of namens de gemeente wordt verricht waarvoor ingevolge een bepaling uit een provinciale verordening of artikel 2.1.5.3. van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing vereist is als bedoeld in artikel 2.2, lid 1, aanhef en onder e van de Wabo bedraagt het tarief
€ 88,80.
Artikel 53
Alarminstallatie
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het in, op of aan een onroerende zaak hebben van een alarminstallatie die een voor de omgeving opvallen geluid- of lichtsignaal kan produceren waarvoor ingevolgde artikel 2.4.16 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist als bedoeld in artikel 2.2 lid 1, onder f van de Wabo bedraagt het tarief, € 18,40.
Artikel 54
Kappen
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen van houtopstand waarvoor ingevolge een bepaling in een provinciale verordening of artikel 4.5.2. van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist als bedoeld in artikel 2.2, lid 1, aanhef en onder g van de Wabo bedraagt het tarief, € 53,10.
het tarief voor het vellen van houtopstand (kapvergunning) van een boom die is opgenomen in de door de gemeenteraad vastgestelde lijst waardevolle bomen bedraagt, € 211,35.
Artikel 55
Overschrijven vergunning/ontheffing
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van de tenaamstelling van een omgevingsvergunning bedraagt, € 12,00.
Artikel 56
Handelsreclame
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook die zichtbaar is vanaf een voor publiek toegankelijke plaats waarvoor ingevolge van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2.1.5.1. of artikel 4.6.2. van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist en niet tevens sprake is van een activiteit als bedoeld in artikel 42 bedraagt het tarief € 62,30 per object.
Indien de activiteit bestaat uit het maken of voeren van die handelsreclame bedoeld in artikel 2.2., aanhef en lid 1, onder g van de Wabo, € 62,30 per object.
Indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak wordt gemaakt of gevoerd, als bedoeld in artikel 2.20., aanhef en lid 1, onder h van de Wabo bedraagt het tarief € 62,30 per object.
Artikel 57
Opslag van roerende zaken
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de provincie of de gemeente, waarvoor ingevolge een bepaling in een provinciale verordening of van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist bedraagt het tarief:
indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken bedoeld in artikel 2.2, lid 1, onder j van de Wabo; het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager medegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen, bedoeld in artikel 2.2, lid 1, onder k van de Wabo; het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager medegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
Artikel 58
Projecten of handelingen in het kader van de Natuurbeschermingswet 1998
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op handelingen in een beschermd natuurgebied die schadelijk kunnen zijn voor het natuurschoon, de natuurwetenschappelijke betekening of voor de dieren of planten, als bedoeld in artikel 16, lid 1 van de Natuurbeschermingswet bedraagt het tarief het tarief, € 34,00.
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heft op het realiseren van projecten of andere handelingen met gevolgen voor habitats en soorten in een door de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aangewezen gebied als bedoeld in artikel 19d, lid 1 van de Natuurbeschermingswet 1998, € 34,00.
Artikel 59
Handelingen in het kader van de Flora- en Faunawet
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een handeling waarvoor op grond van artikel 75, lid 3 van de Flora- en Faunawet ontheffing nodig is voor een periode van één jaar, dan bedraagt het tarief, € 60,00.
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een handeling waarvoor op grond van artikel 75, lid 3, van de Flora- en Faunawet ontheffing nodig is voor een periode van meer dan één jaar dan bedraagt het tarief, € 100,00.
Artikel 60
Andere activiteiten
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:
behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder i van de Wabo bedraagt het tarief, € 18,40.
behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving als bedoeld in artikel 2.2 lid 2 van de Wabo bedraagt het tarief;
als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning;
als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager medegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Artikel 61
Omgevingsvergunning in twee fasen
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, lid 1 van de Wabo bedraagt het tarief;
voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;
voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.
Artikel 62
Advies
Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager medegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
Indien een begroting als bedoeld in het vorige lid is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag is ingetrokken.
Artikel 63
Verklaring van geen bedenkingen
Onverminderd het bepaalde in de voorafgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, lid 1 van de Wabo.
Indien een bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is vastgesteld.
Indien een begroting als bedoeld in het vorige lid is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor de vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Artikel 64
Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag bouw-, sloop- of aanlegvergunning
Wanneer een aanvrager zijn aanvraag bouw-, sloop- of aanlegvergunning intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, wordt een deel van de leges teruggeven. Deze teruggaaf bedraagt 60% indien de aanvraag wordt ingetrokken.
Artikel 65
Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende bouw-, sloop- of aanlegvergunning
Wanneer de gemeente een verleende bouw-, sloop- of aanlegvergunning intrekt, wordt een deel van de leges teruggegeven als van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt 40%.
Artikel 66
Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een bouw-, sloop- of aanlegvergunning
Wanneer de gemeente een bouw-, sloop- of aanlegvergunning weigert, wordt een deel van de verschuldigde leges teruggegeven. De teruggaaf bedraagt 60% van de verschuldigde basisleges. Dit wordt in de nota verrekend.
Artikel 67
Geen teruggaaf legesdeel advies of verklaring van geen bedenkingen
Van de leges verschuldigd op grond van de artikelen 62 en 63 wordt geen teruggaaf verleend.
Artikel 68
Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een naar de omstandigheden beoordeeld geringe wijziging in het project: de voor de oorspronkelijke bouwactiviteit geheven leges verrekend met het bedrag dat verschuldigd is door toepassing van het tarief als vermeld in artikel 41 met een minimum
van € 16,00.
Artikel 69
Bestemmingswijziging zonder activiteiten
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen vaneen bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3, lid 1 van d Wet ruimtelijke ordening, de kosten die voor de te voeren procedure zoals voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager schriftelijk is medegedeeld en blijkt uit een begroting die door vanwege het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
HOOFDSTUK 9 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn
Artikel 70
Horeca
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning ingevolge artikel 3 van de Drank- en Horecawet bedraagt, € 215,00 vermeerderd met het bedrag voor het advies wat de gemeente opvraagt aan Bureau Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur;
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet, € 215,00 vermeerderd met het bedrag voor het advies wat de gemeente opvraagt aan Bureau Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur;
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet, € 18,38.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het wijzigen van de tenaamstelling van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Drank- en Horecawet
€ 55,00 vermeerderd met het bedrag voor het advies wat de gemeente opvraagt aan Bureau Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur.
Artikel 71
Organiseren evenementen of markten
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.2.2. lid 1 van de Algemene plaatselijke verordening (evenementenvergunning), indien het betreft:
een belastend evenement als bedoeld in de Nota Evenementenvergunningen gemeente Oss 2007, € 128,65;
een evenement met uitzondering van de in artikel 71 ,lid 1 onder a bedoelde evenementen, € 18,40;
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een vergunning voor het organiseren van een snuffelmarkt als bedoeld in artikel 5.2.4 van de Algemene plaatselijke verordening , € 18,40.
Artikel 72
Prostitutiebedrijven
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: een exploitatievergunning of wijziging van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3.2.1., lid 1 van de Algemene plaatselijke verordening;
voor een seksinrichting € 512,55, vermeerderd met het bedrag voor het advies wat de gemeente opvraagt aan Bureau Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur;
voor een escortbedrijf € 266,50, vermeerderd met het bedrag voor het advies wat de gemeente opvraagt aan Bureau Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur.
Artikel 73
Brandbeveiligingsverordening
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning met betrekking tot het brandveilig gebruik van een inrichting als bedoeld in artikel 2, lid 1 van de Brandbeveiligingsverordening, € 146,00.
HOOFDSTUK 10 DIVERSEN
Artikel 74
Vervreemding landbouwgronden
De leges voor een verklaring als bedoeld in artikel 56f van de Pachtwet bedragen, per verklaring
€ 3,25.
Artikel 75
Kindercentra
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het hebben van en/of het oprichten van een kindercentrum krachtens de verordening op Kindercentra Oss, € 91,90.
Artikel 76
Telecommunicatiewet
Het tarief bedraagt terzake van het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent tijdstip, plaats en werkwijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.2, derde lid van de Telecommunicatiewet, € 171,50;
Het bedrag genoemd in lid 1 wordt verhoogd voor het uitvoeren van coördinatie en toezicht met € 1,23 per strekkende meter sleuf.
Artikel 77
Rioolaansluiting
De leges bedragen voor de afgifte van een vergunning tot aanleg van een rioolaansluiting, € 87,80.
Behorende bij raadsbesluit van 3 januari 2011.
De griffier,
Drs. P.H.A. van den Akker
Verwijzingen
- artikel 2
- artikel 42
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 44
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 75
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 5
- artikel 4
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 16
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 49
- artikel 2
- artikel 4
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 49
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 19d
- artikel 5
- artikel 2
- artikel 75
- artikel 3
- artikel 42
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 3
- artikel 2
- artikel 8
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 4
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 4
- artikel 42
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 71
- artikel 4
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2