Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.2

Uitgangspunten

Onderdeel van Privacybeleid 2025-2028 gemeente Laarbeek

Op grond van artikel 5 AVG is de gemeente Laarbeek verplicht de AVG-beginselen in acht te nemen bij het verwerken van persoonsgegevens. Hieronder worden deze uitgangspunten beschreven: a. Rechtmatigheid, behoorlijkheid, transparantie Een verwerking is alleen rechtmatig indien en voor zover aan de voorwaarden is voldaan zoals opgenomen in de AVG, te weten: Wanneer de betrokkene toestemming heeft gegeven voor de specifieke verwerking; Voor de uitvoering van een overeenkomst waar de betrokkene onderdeel was; Om een verplichting na te komen die in de wet staat; Om een ernstige bedreiging voor de gezondheid van de betrokkene te bestrijden; Voor de goede invulling van de gemeentelijke taak; Indien een zorgvuldige belangenafweging dit uitwijst. Gemeente Laarbeek verwerkt persoonsgegevens zoveel als mogelijk vanuit de publieke taak welke zij heeft op grond van aan haar opgelegde taken. Gemeente Laarbeek verwerkt ook persoonsgegevens wanneer de wet haar daartoe verplicht. b. Grondslag en doelbinding De gemeente zorgt ervoor dat persoonsgegevens alleen voor specifiek en uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doelen worden verzameld en verwerkt. Wanneer gegevens later voor een ander doel worden gebruikt, dan moet dit nieuwe doel verenigbaar zijn met het oorspronkelijke verzameldoel. Persoonsgegevens worden alleen met een rechtvaardige grondslag en in overeenstemming met wet- en regelgeving verwerkt. c. Dataminimalisatie De gemeente verwerkt alleen de persoonsgegevens die minimaal noodzakelijk zijn voor het vooraf bepaalde doel. De gemeente streeft naar minimale gegevensverwerking. Waar mogelijk worden minder of geen persoonsgegevens verwerkt. In bepaalde wet- en regelgeving is vastgelegd welke persoonsgegevens noodzakelijk zijn om het doel te bereiken. Wanneer dit niet het geval is, maakt gemeente Laarbeek zelf deze afweging in overleg met de Privacy Officer en Functionaris Gegevensbescherming. d. Dataminimalisatie & Opslagbeperking Het bewaren van persoonsgegevens kan nodig zijn om de gemeentelijke taken goed uit te kunnen oefenen of om wettelijke verplichtingen te kunnen naleven. Er dient te worden gezorgd dat de bewaartermijn van persoonsgegevens tot een strikt minimum wordt beperkt. Wanneer er persoonsgegevens opgeslagen zijn die niet langer noodzakelijk zijn voor het doel waarvoor ze zijn verzameld, moeten deze zo snel mogelijk worden vernietigd. Dit houdt in dat deze persoonsgegevens worden verwijderd óf zo worden aangepast dat de gegevens niet langer herleidbaar zijn naar een natuurlijke persoon. Hoe lang de gemeente persoonsgegevens bewaart varieert. De Archiefwet, de Selectielijst van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en diverse andere wetten bepalen dat de gemeente persoonsgegevens voor een minimale of maximale termijn mogen of moeten bewaren. In het Register van verwerkingsactiviteiten is de gehanteerde bewaartermijn opgenomen. e. Integriteit en vertrouwelijkheid De gemeente gaat zorgvuldig om met persoonsgegevens en behandelt deze vertrouwelijk. Daarbij zorgt de gemeente voor passende beveiliging van persoonsgegevens. In de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) staan de verplichte voorwaarden voor gemeenten om te voldoen aan het begrip passende beveiliging. In het Informatiebeveiligingsbeleid van gemeente Laarbeek wordt hier verder invulling aan gegeven.

Rechtspraak bij dit artikel