Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 9.

Uitzetting

Onderdeel van Treasury statuut

1.. Kredietrisico’s worden beperkt door uitsluitend middelen uit te zetten bij voldoende kredietwaardige partijen als genoemd in artikel 12 lid 2. 2.. Gelden mogen alleen worden uitgezet bij financiële ondernemingen waarvan het land van vestiging tot de Europese Economische Ruimte behoort (EU + Noorwegen, IJsland en Liechtenstein) en het betreffende land een minimale credit-landenrating van AA heeft, toegekend door minimaal twee van de drie gerenommeerde ratingbureaus. 3.. Uitzettingen langer dan 3 maanden mogen alleen bij een financiële onderneming met een rating van AA minus, toegekend door minimaal twee van de drie gerenommeerde ratingbureaus. 4.. Uitzettingen tot en met 3 maanden mogen bij financiële ondernemingen die een A rating bezitten, toegekend door minimaal twee van de drie gerenommeerde ratingbureaus. 5.. Het is expliciet verboden om gelden te lenen met het enkele doel de middelen tegen een hoger rendement uit te zetten. 6.. Tijdelijk overtollige gelden van aangetrokken leningen voor projectfinanciering mogen uitsluitend worden uitgezet bij de financiële onderneming waar de leningen zijn aangegaan. Hiervoor kan een netting-overeenkomst worden gesloten, zodat bij niet nakomen van verplichtingen, vorderingen en schulden tegen elkaar kunnen worden weggestreept. Indien een dergelijke overeenkomst niet is afgesloten, moet de financiële onderneming voldoen aan de rating vereisten voor het uitzetten van middelen. 7.. In de contracten voor het uitzetten van middelen moet een bepaling opgenomen worden voor een ontbindingsmogelijkheid door de gemeente Oost Gelre indien een instelling gedurende de looptijd een rating lager dan de AA-rating krijgt. (bijv. directe opeisbaarheid van de uitgezette gelden bij een verlaging van de rating) 8.. Uitzettingen dienen afgewogen te worden op basis van de zekere opbrengst van het uitzetten van de middelen tegen de minimale rentetarieven bij de bank versus andere vormen van uitzetten met een gelijkwaardige zekerheid en een minimaal gelijkwaardig rendement. Hierbij dienen de looptijden gematched te worden. 9.. Het uitzetten van middelen op lange termijn is voorbehouden aan de treasurer. 10.. Alvorens middelen worden uitgezet worden minimaal 2 offertes aangevraagd bij banken en of geldmakelaars als genoemd in artikel 12 lid 2. 11.. De offertes moeten telefonisch door de financiële relatie worden voorgelegd aan de gemeente Oost Gelre. Vervolgens worden de offertes vastgelegd door de treasurer. 12.. Het rendement op het uit te zetten vermogen moet in overeenstemming zijn met geldende kapitaalmarkttarieven bij de verschillende financiële relaties van de gemeente Oost Gelre, als genoemd in artikel 12 lid 2. 13.. Definitief uitgezette middelen worden eenmaal per kwartaal gerapporteerd aan het college van burgemeester en wethouders. 14.. Gelden mogen uitsluitend worden belegd in: Deposito’s Onderhandse geldleningen Staatsleningen Medium Term Notes Garantieproducten Spaarrekening Obligaties 15.. In de jaarlijkse programmabegroting wordt in de paragraaf financiering het geprognosticeerde uitzettingsbeleid toegelicht. 16.. In de jaarlijkse programmarekening wordt verantwoording afgelegd over de uitvoering van het uitzettingsbeleid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel