Naar hoofdinhoud
1.. Voor het plaatsen of vervangen van een particuliere grafkelder is een door het college verleende vergunning vereist. Het plaatsen van een grafkelder gebeurt in opdracht van en voorrisico en op kosten van de rechthebbende na verkregen vergunning van het college. 2.. De voorwaarden waaraan een grafkelder moet voldoen zijn: de gebruikte materialen zijn duurzaam; de fundering en constructie zijn veilig; de grafkelder is beheer-technisch en esthetisch aanvaardbaar; de grafkelder is waterdicht; er is een ontluchtingssysteem aangebracht; De bovenkant van een grafkelder is op gelijke hoogte met het maaiveld. 3.. De afmetingen van de ruimte waarbinnen een grafkelder mag worden aangebracht, zijn: lengte 250 cm x breedte 120 cm x 90 cm hoogte beneden maaiveld. 4.. De grafkelder staat op een gewapend betonnen grondplaat van minimaal 5 cm dikte. 5.. Een grafkelder dient onder het maaiveld luchtdicht te worden afgesloten. 6.. De afmeting van de bovengrondse sierplaat van een grafkelder is gelijk aan de maatvoering genoemd in artikel 7. 7.. Degene die in een grafkelder wil laten begraven, is verplicht op zijn kosten deze kelder voor de begrafenis te laten openen en na het begraven onmiddellijk te laten sluiten. 8.. Het openen van een grafkelder, anders dan voor het daarin opnemen van overledenen en in dat geval eerder dan vier uren tevoren, is verboden, tenzij de beheerder van de begraafplaatsen hiervoor toestemming heeft verleend. 9.. Indien de rechthebbende zijn verplichtingen ten aanzien van het sluiten niet nakomt, wordt dit door de gemeente gedaan, op kosten van rechthebbende.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel