De burgemeester kan gebouwen, gebieden of bedrijfsmatige activiteiten aanwijzen waar een vergunning verplicht is voor bepaalde bedrijfsmatige activiteiten. Een vergunningplicht voor een pand, gebied of branche wordt ingesteld op basis van (bestuurlijke) rapportages en/of analyses van de politie en andere partners waarin de noodzaak voor het gebruik van dit instrument wordt onderbouwd. Deze rapportages en analyses tonen aan dat de activiteiten een negatieve invloed hebben op het woon- en leefklimaat in de omgeving van de bedrijven, dat de openbare orde en veiligheid als gevolg van de activiteiten worden bedreigd, of dat op andere wijze niet te tolereren ondermijning wordt veroorzaakt.
De vergunningplicht voorkomt criminele activiteiten of activiteiten die overlast geven. Vanwege de kwetsbaarheid van deze bedrijfsmatige activiteiten wordt van exploitanten en leidinggevenden een bijzondere verantwoordelijkheid geëist om mogelijk crimineel gedrag te voorkomen. Zij moeten daarom meewerken aan controles van toezichthouders en voorkomen dat ze crimineel gedrag faciliteren.
Hoofdstuk 3: › Paragraaf 3.5
Artikel 3.5.4
Het uitoefenen van een bedrijf in aangewezen gebouwen of gebieden of aangewezen bedrijfsmatige activiteiten.
Onderdeel van Beleidsregel beoordeling slecht levensgedrag Horst aan de Maas 2025