In het beleidskader formuleert het Ministerie richtlijnen waartussen het te formuleren beleid volgens hen als passend kan worden gezien. Zoals eerder aangegeven, deze kaders zijn als richtlijn bedoeld en hebben verder geen dwingend karakter zoals een wettelijk kader dit wel heeft. BZK vraagt gemeenten om in haar beleid:
Rekening te houden met de specifieke woonbehoeften van woonwagenbewoners;
Te voorzien in voldoende en binnen een redelijke termijn aangelegde standplaatsen;
Aandacht te hebben voor de cultuur van woonwagenbewoners;
Woonwagenbewoners te beschermen tegen discriminatie;
Voldoende rechtszekerheid te bieden voor de doelgroep;
Ruimte te bieden om in familieverband samen te leven.
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) bracht in navolging van het beleidskader in mei 2021 een speciale ‘Wegwijzer gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid’ uit5VNG, mei 2021.. De Wegwijzer biedt gemeenten meer inzicht in het mensenrechtelijk kader dat van belang is binnen het woonwagen- en standplaatsenbeleid. De uitspraken van het Europese hof voor de rechten van mens vormen de grondslag hiervoor. Verder geeft deze Wegwijzer een stap voor stap toelichting hoe gemeenten, samen met woningcorporaties, woonwagenbewoners en beheerorganisaties, woonwagen- en standplaatsenbeleid kunnen ontwikkelen en uitvoeren dat in lijn is met het beleidskader. Bij het formuleren van het beleid voor de gemeente Enkhuizen hebben we dit stappenplan als leidraad aangehouden voor de te nemen stappen en acties.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.1.
Landelijk beleidskader Woonwagen- en Standplaatsenbeleid vanuit BZK
Onderdeel van Woonwagen- en standplaatsenbeleid Enkhuizen 2025