**1..** Het college biedt de raad een nota Treasury ter vaststelling aan. Deze nota wordt minimaal eenmaal per vier jaar geëvalueerd en waar nodig herzien.
**2..** De nota Treasury bevat regels ten aanzien van de wijze waarop de financieringsfunctie wordt ingevuld en uitgevoerd en de voorwaarden waaronder borgstellingen, garanties en leningen worden verstrekt (hoofdstuk 7). Hierbij gelden de volgende uitgangspunten:
er zijn niet meer financiële middelen aangetrokken dan benodigd is voor de financiering van de financieringsbehoefte van een jaar (geen overfinanciering);
er is uitgegaan van totaalfinanciering en geen projectfinanciering;
risico’s verbonden aan de financieringsfunctie (renterisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s, liquiditeitsrisico’s en risico’s ten aanzien van participaties en waarborgen en garanties) zijn beheerst;
de financieringsbehoefte kan binnen de kasgeldlimiet worden opgevangen door kortlopende geldleningen (kasgeldleningen) voor een periode van maximaal één jaar;
langlopende leningen zijn aangetrokken in aansluiting op de meerjarige financieringsbehoefte, rekening houdend met de renterisiconorm.
**3..** Het college zorgt bij het uitoefenen van de treasury-functie voor:
het aantrekken van voldoende financiële middelen en het uitzetten van tijdelijk overtollige gelden om de beleidsprogramma’s binnen de door de raad vastgestelde kaders van de begroting uit te voeren;
het beperken van de rentekosten van leningen en het bereiken van een voldoende rendement op tijdelijke uitzettingen;
het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities.