Naar hoofdinhoud
1.. Het is verboden met goederen van welke aard dan ook te venten of te colporteren behoudens ontheffing van het college. 2.. Onder venten wordt mede verstaan, goederen in het klein ten verkoop mee te voeren dan wel afbeeldingen daarvan te tonen met het kennelijke doel om voor die goederen kopers op de openbare terreinen te zoeken. 3.. Het is verboden zonder ontheffing van het college op openbare terreinen een standplaats in te nemen met een voertuig, een kraam of een tent, ter uitoefening van de straathandel of om anderszins in de open lucht goederen uit te stallen, aan het publiek aan te bieden, te verkopen, te verstrekken of te verhuren dan wel diensten aan te bieden, met uitzondering van gedrukte stukken als bedoeld in artikel 7 van de Grondwet. 4.. Een ontheffing van het bepaalde in het eerste en derde lid kan worden geweigerd: in het belang van de openbare orde; in het belang van het voorkomen en beperken van overlast; in het belang van de verkeersvrijheid- of veiligheid. 5.. Een ontheffing van het bepaalde in het derde lid kan bovendien worden geweigerd in het belang van het uiterlijk aanzien van het gebied en de natuurwaarden. 6.. Het verbod in het derde lid geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de regels over het beheer van rijkswaterstaatswerken en wegen in beheer van het Rijk bij of krachtens de Omgevingswet of regels over provinciale wegen op grond van de Beleidsregel provinciale wegen Noord-Brabant of de Omgevingsverordening Noord-Brabant. De weigeringsgrond van het vierde lid onder b. geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Omgevingswet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel