Na de sluiting mag een woning, lokaal of een daarbij behorend erf niet meer worden betreden (artikel 2:41, tweede lid, van de APV). Het overtreden van het bevel van de burgemeester om het pand niet te betreden gedurende de sluiting, is strafbaar gesteld in artikel 184 van het wetboek van Strafrecht. Ook het verbreken van een zegel is strafbaar gesteld, in artikel 199 van het wetboek van Strafrecht.
In uitzonderlijke gevallen kan ontheffing worden verleend van het verbod het pand of het daarbij behorende erf niet te betreden. Hiermee wordt echter zeer terughoudend omgegaan. Er wordt alleen toestemming gegeven om een woning, lokaal of daarbij behorend erf te betreden als sprake is van dringende en zwaarwegende omstandigheden, bijvoorbeeld voor het uitvoeren van een (spoed-)reparatie.
Van de mogelijkheid tot opheffing van de sluiting wordt eveneens terughoudend gebruik gemaakt. Alleen wanneer aannemelijk is dat met de sluiting geen enkel doel meer wordt gediend, waarbij rekening wordt gehouden met de aard, ernst en duur van de overtreding en de uitgangspunten van dit beleid, kan de sluiting worden opgeheven.
Hoofdstuk 5:
Artikel 5.4
Tussentijdse heropening en opheffing
Onderdeel van Damoclesbeleid gemeente Uitgeest 2025