**1..** Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 8.1.1 van de wet.
**2..** Nadat en/of tijdens de hulpvraag of de ondersteuningsbehoefte is vastgesteld, wordt een aanvraag voor een individuele voorziening in de vorm van een pgb door de jeugdige en/of zijn ouders ingediend bij het college op een ter beschikking gesteld pgb-budgetplan, waarin is opgenomen:
welke jeugdhulp de jeugdige en/of zijn ouders gezien de hulpvraag willen inkopen met het pgb en wat het beoogde resultaat is;
indien van toepassing: op welke wijze het beoogde resultaat bijdraagt aan de doelen die in het familiegroepsplan beschreven staan;
op welke wijze de jeugdige en/of zijn ouders de aan het pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uitvoeren, dan wel wie hiertoe is gemachtigd;
waarom de jeugdige en/of zijn ouders de jeugdhulp “in natura” niet passend vinden;
op welke wijze de kwaliteit van de jeugdhulp is gewaarborgd;
een onderbouwde begroting;
de motivatie aan de hand van de tien punten benoemd in artikel 18 waaruit blijkt dat de budgethouder of budgetbeheerder in staat is de aan een pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren;
**3..** Het college kan een pgb verstrekken indien:
de jeugdige of zijn ouder(s) dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger zich gemotiveerd op het standpunt stellen dat zij de individuele voorziening die wordt geleverd door een door het college gecontracteerde aanbieder, niet passend achten;
uit de beoordeling van de pgb-vaardigheid met inachtneming van artikel 18 blijkt dat de budgethouder of, indien van toepassing, de budgetbeheerder in staat is uitvoering te geven aan de eisen die het beheer van een pgb met zich meebrengt; en
naar het oordeel van het college met inachtneming van artikel 20 is gewaarborgd dat de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort en die de jeugdige of zijn ouder(s) dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger van het budget willen betrekken, van goede kwaliteit is en in voldoende mate zal bijdragen aan het bereiken van het in het pgb-budgetplan opgenomen beoogde resultaat.
de maximale werkweek van de informele jeugdhulpverlener niet meer dan 40 uur per week is, rekening houdend met het totaal aantal uren werk waaraan een arbeidscontract ten grondslag ligt;
er geen sprake is van een situatie als bedoeld in het artikel 17.
**4..** De volgende uitgangspunten worden gehanteerd bij de besteding van een pgb:
Er is geen verantwoordingsvrij bedrag.
Voor budgethouders met meerdere pgb’s is schuiven tussen verschillende budgetten niet toegestaan, tenzij hierover schriftelijke afspraken zijn gemaakt met het college.
**5..** Het college kan nadere regels stellen omtrent de toekenning van een pgb.