De Alcoholwet geeft de mogelijkheid om voor incidentele festiviteiten toestemming te verlenen om zwak alcoholhoudende dranken te verkopen zonder dat men in het bezit is van de benodigde horecavergunningen. Dit gebeurt op basis van de ontheffingsmogelijkheid uit artikel 35 van de Alcoholwet. Aan deze ontheffing wordt een aantal voorschriften gesteld, deze zijn als volgt:
de op de ontheffing vermelde persoon die onmiddellijk leiding geeft aan de drankverstrekking, moet ter plaatse aanwezig zijn;
de ontheffing geldt alleen voor het verstrekken van zwak-alcoholhoudende dranken7 Zwak alcoholhouden dranken zijn dranken met een percentage van minder dan 15 procent pure alcohol. voor gebruik ter plaatse;
personen (niet de leidinggevende) die nog niet de leeftijd van 16 jaar hebben bereikt, mogen geen horecawerkzaamheden verrichten tijdens en ten dienste van de verstrekking van zwak-alcoholhoudende dranken;
aan personen onder de 18 jaar mogen geen alcoholhoudende dranken worden verstrekt, dit moet voor iedereen duidelijk leesbaar aangegeven zijn;
barmedewerkers zijn verplicht aan de hand van een legitimatiebewijs vast te stellen of de aspirant-koper de vereiste leeftijd heeft, indien deze daaraan niet onmiskenbaar voldoet. De leeftijdsgrens van 18 jaar geldt ook voor indirecte verstrekking van zwak-alcoholhoudende drank;
in het geval dat er door verstrekking van zwak-alcoholhoudende drank verstoring van de openbare orde mocht ontstaan of mocht dreigen te ontstaan, zijn degenen die de drank verstrekken verplicht op eerste aanzegging van de politie de verstrekking direct te staken;
het is niet toegestaan om door te schenken aan personen die in zichtbare staat van dronkenschap verkeren;
Bij B- en C-evenementen dient de leidinggevende in het bezit te zijn van een verklaring Sociale Hygiëne.
Het zelf mixen van alcoholhoudende drank met niet-alcoholhoudende drank is niet toegestaan.
Daarnaast worden aan de leidinggevenden, onder wiens verantwoordelijkheid de drankverstrekking plaatsvindt, de volgende voorschriften gesteld:
moet de minimale leeftijd van 21 jaar hebben bereikt;
mag niet uit de ouderlijke macht gezet zijn (kantongerecht woonplaats leidinggevende);
mag niet van slecht levensgedrag zijn (controle justitiële documentatieregisters);
mag niet onder curatele zijn gesteld (curatele register).
Om te voorkomen dat jongeren onder de 18 jaar alcohol drinken moet de organisator maatregelen nemen om dit te voorkomen. Afhankelijk van het evenement kan er voor bepaalde maatregelen gekozen worden. Hierbij kan gedacht worden aan communicatie naar bezoekers en medewerkers, legitimatiecontrole, polsbandjes, sniffers of in het uiterste geval het weren van jongeren onder de 18. Toezicht en handhaving op de Alcoholwet is een verantwoordelijkheid van de gemeente en wordt uitgevoerd door de gemeentelijke handhavers.
De gemeente werkt met verschillende partners samen om gebruikers van genotsmiddelen te informeren over de gevolgen hiervan. Omdat bij sommige evenementen de doelgroep voor deze voorlichting aanwezig is, kan in de vergunning worden opgenomen dat de partners van de gemeente aanwezig zijn om hun werkzaamheden uit te voeren. Hierbij kan gedacht worden aan o.a. demonstraties, workshops of stands.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.4
Artikel 5.4.3
Alcohol
Onderdeel van Beleidsregel evenementen Pijnacker-Nootdorp 2025