Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.

Begripsbepalingen

Onderdeel van Subsidieregeling Z-route subregio Midden-Twente 2026

1.. A1-niveau: een taalniveau voor een zogenaamde beginner overeenkomstig het Europees referentiekader, inhoudende het begrijpen van eenvoudige woorden en zinnen die gaan over vertrouwde onderwerpen. Iemand kan: vertrouwde dagelijkse uitdrukkingen en basiszinnen gebruiken die gericht zijn op concrete behoeften en gebruiken; jezelf aan anderen voorstellen; vragen stellen en beantwoorden over persoonlijke gegevens, zoals waar je woont, over mensen die je kent en over dingen die je bezit; persoonlijke gegevens invullen op een formulier, bijvoorbeeld je naam, adres en nationaliteit; op een eenvoudige manier reageren op anderen, als zij langzaam en duidelijk praten en bereid zijn om te helpen. 2.. A2-niveau: iemand die het Nederlands beheerst op A2 niveau kan: zinnen en regelmatig voorkomende uitdrukkingen begrijpen die verband hebben met zaken van direct belang (bijvoorbeeld persoonsgegevens, familie, winkelen, plaatselijke geografie, werk of opleiding); communiceren tijdens simpele en alledaagse taken en een korte boodschap, zoals een bedankbriefje schrijven; in eenvoudige bewoordingen aspecten van je eigen achtergrond en omgeving beschrijven. 3.. Alfabetiseren: is het letters leren lezen en schrijven om vervolgens ook woordjes en zinnen te kunnen schrijven en eenvoudige teksten te kunnen lezen. 4.. Buiten reguliere uren: avonduren na 18 uur en in het weekend. 5.. Bijgewoonde uren: daadwerkelijk door de cursist gevolgde uren. 6.. Blik op Werk-keurmerk: het keurmerk voor taalaanbieders, inburgeringscursussen en duale trajecten dat garantie biedt voor de kwaliteit van de dienstverlening. 7.. Besluit: Besluit inburgering 2021. 8.. Cursist: statushouder die de Zelfredzaamheidsroute volgt. 9.. EVC-procedure: een procedure voor Erkenning van eerder Verworven Competenties die binnen 6 tot 12 weken wordt doorlopen en gedurende die periode wordt al het materiaal verzameld dat als bewijs kan dienen dat iemand over de vereiste competenties beschikt. 10.. KNM: Kennis van de Nederlandse maatschappij. Binnen de Z-route (component taal) volgen de inburgeraars 800 uur taal inclusief het onderdeel KNM. Dit wordt niet geëxamineerd. 11.. Leermiddelen, digitaal en schriftelijk: ieder middel dat in een formele lessituatie wordt gebruikt om de inburgeraar (digitale) kennis en (digitale) vaardigheden bij te brengen. 12.. NT2 docent: docent die Nederlandse taallessen verzorgt voor mensen die Nederlands niet als moedertaal hebben. 13.. Overstap: de overstap van de B1 route naar de Z-route of de overstap binnen de Z-route naar een andere taalschool. 14.. Regeling: Regeling inburgering 2021. 15.. Reguliere lesuren: lesuren die op werkdagen vallen tussen 08.00 uur ’s ochtends en 18.00 uur ’s avonds. 16.. Statushouder: iemand die een (tijdelijke) verblijfsvergunning heeft gekregen. 17.. Subregio Midden-Twente: de gemeente Borne, Haaksbergen, Hengelo en de Hof van Twente, waarbij de gemeente Hengelo penvoerder is. 18.. Traject: de Z-route waarbij in deze regeling wordt uitgegaan van 800 uur taalonderwijs. 19.. Verzuim: het aantal uren dat een cursist niet heeft deelgenomen aan de taalles al dan niet met een geldige reden. Deze uren tellen niet mee voor het voldoen aan de Z-route. 20.. De wet: Wet inburgering 2021. 21.. Z-route: Zelfredzaamheidsroute: een intensieve leerroute gericht op taal (A1-niveau), activering en participatie bedoeld voor inburgeraars van wie wordt verwacht dat zij het taalniveau A2 niet binnen 3 jaar kunnen halen.

Rechtspraak bij dit artikel