Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Artikel 13

Onderdeel van Verordening begrafenisrechten 2006

Indien de zorg voor het onderhouden en schoonhouden van graven, voorwerpen en gedenktekenen op of bij graven aan de gemeente wordt overgedragen, bedraagt het recht daarvoor € 115,-- per kalenderjaar. Indien de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, bedraagt het recht zoveel twaalfde gedeelten van het in het eerste lid genoemde bedrag als er na het tijdstip van overdragen nog volle kalendermaanden in dat jaar overblijven. Het recht, als bedoeld in het eerste lid, kan worden afgekocht voor graven, waarvoor het uitsluitend recht om lijken in dat graf te doen begraven is verkregen voor 30 jaar, door betaling ineens van een bedrag van € 1.257,--. Indien de rechthebbende van een graf het onderhoud in de loop van het tijdvak wil afkopen, bedraagt het recht zoveel dertigste gedeelten van het genoemde bedrag, als er na het tijdstip van overdracht nog volle jaren resteren. De zorg voor het onderhouden en schoonhouden van de graven voor onbepaalde tijd - uitgegeven na 15 maart 2005 - wordt uitgevoerd door de gemeente. Het recht hiervoor is bepaald op een periode van vijftig jaar en bedraagt € 1.712,--. In geval van verlenging van het recht, als bedoeld in dit artikel, is per keer, voor de voortzetting - met telkens tien jaar - van het onderhoud, een bedrag verschuldigd, gelijk aan éénderde dan wel éénvijfde van het volgens het derde en vierde lid, van dit artikel, alsdan geldende tarief.

Rechtspraak bij dit artikel