1. Als belanghebbende beschikt over een bijzonder motorvoertuig wordt dat als noodzakelijk beschouwd en om die reden wordt de waarde daarvan niet als vermogen in aanmerking genomen.
2. Als een motorvoertuig is aangepast op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), of via een indicatie van het UWV, wordt de aanpassing als medisch noodzakelijk beschouwd.
3. In alle andere situaties dan bedoeld in het tweede lid, ligt de bewijslast dat het motorvoertuig van belanghebbende valt onder bijzondere motorvoertuigen als bedoeld in artikel 1 lid 2 onder c, bij belanghebbende.
Artikel 5.
Bijzondere motorvoertuigen
Onderdeel van Beleidsregel vermogensvrijlating Participatiewet voor motorvoertuigen en overige bezittingen gemeente Halderberge