Het college geeft geen tegemoetkoming Sociale Medische Indicatie Kinderopvang als:
de aanvraag niet is gedaan door een hulpverlener als bedoeld in artikel 3 lid 2 en 3.
de aanvraag niet voldoet aan wat is bepaald in artikel 2 en/of 3;
de kinderopvangorganisatie wordt geëxploiteerd zonder toestemming van het college als bedoeld in artikel 1:46 tweede lid van de Wet kinderopvang en niet is opgenomen in het Landelijk Register Kinderopvang;
de opvang niet zal plaatsvinden of niet adequaat is;
de opvang plaatsvindt door een gastouder;
de ouder aanspraak kan maken op een adequate voorliggende voorziening als bijvoorbeeld Kinderopvangtoeslag;
door verstrekking van de bijdrage het subsidieplafond in artikel 12 wordt overschreden;
de ouder niet meewerkt aan eventueel vooraf afgesproken of mogelijke begeleidings- of behandeltrajecten die tot herstel of een duurzame oplossing moeten leiden
het binnen een periode van twee jaar voorafgaand aan een aanvraag tegemoetkoming Sociaal Medische Indicatie Kinderopvang, een weigeringsbeschikking voor het desbetreffende kind heeft afgegeven en de omstandigheden sindsdien in hoofdzaak ongewijzigd zijn;
het binnen een periode van drie jaar voorafgaand aan een aanvraag tegemoetkoming Sociaal Medische Indicatie Kinderopvang, een reguliere verleningsbeschikking of een verlengde beschikking voor het desbetreffende kind heeft afgegeven.
Artikel 5
Weigeringsgrond
Onderdeel van Verordening sociaal-medische indicatie kinderopvang gemeente Almere 2025