**1..** Marktondernemers met vergunning voor een marktplaats met een eigen verkoopinrichting plaatsen die verkoopinrichting tussen 6.30 en 08:00 uur. Sollicitanten plaats hun eigen verkoopinrichting uiterlijk 09:30.
**2..** Overspanningen of luifels worden niet bevestigd aan de marktkraam. Zonne- of regenluifels, voor zover deze niet hoger zijn dan 3 meter vanaf de grond, worden bevestigd aan het juk of de balk.
**3..** Voor plaatsen waarop een verkoopinrichting is toegestaan geldt dat dissels, zij- en achterkleppen, deuren en andere voorwerpen in de verkoopopstelling niet mogen uitsteken buiten de toegewezen marktplaats.
**4..** In geval van vergroting van de marktplaats wordt de vergrote marktplaats pas ingenomen nadat de dagelijkse indeling is geweest en de sollicitanten in staat zijn gesteld om hun waren naar hun plaats te brengen.
**5..** Marktkramen moeten worden geplaatst op de stormankers. De marktondernemer heeft materiaal bij zich waarmee, in geval van toename van de wind, de marktkraam deugdelijk kan worden vastgezet aan de stormankers.
**6..** Marktondernemers die groente en fruit, zuivel, vis of bloemen en planten verkopen, mogen gebruikmaken van een parasol, indien een luifel de waren onvoldoende beschermt tegen de zon. De parasol vormt daarbij geen hinderlijk obstakel voor bezoekers. Dit wordt beoordeeld door de marktmeester.
**7..** Marktondernemers mogen hun waren, borden en reclamemateriaal uitsluitend uitstallen en opslaan binnen de grenzen van de aan hen toegewezen marktplaats(en) en niet op de kap. De kap van de marktkraam mag niet uitsteken voorbij de grens van de marktplaats.
**8..** De achterzijde van de kraam mag uitsluitend worden afgedicht met een demontabel zeil, aanvoermateriaal of een voertuig dat niet langer is dan de breedte van de toegewezen marktplaats(en) en niet hoger dan 4 meter gemeten vanaf de straat.
Artikel 2
Gebruik, inrichting en uitvoering van kramen en eigen verkoopinrichtingen
Onderdeel van Marktreglement Dappermarkt in Amsterdam