Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 5

Subsidie voor deelname peuters

Onderdeel van Subsidieverordening peuteropvang en voorschoolse educatie Voorne aan Zee 2025 - 2026

1.. Het college kan subsidie verstrekken aan een opvangorganisatie voor: Reguliere kinderopvang van max. 8 uur per week voor een peuter van niet-toeslagouders (zonder KOT). Er geldt een maximum per kind van 320 uur per jaar voor deze peuters zonder VVE-indicatie; VVE-kinderopvang (van maximaal 6 uur per dag) voor een peuter van niet-toeslagouders. Er geldt een maximum per kind van 975 uur in de leeftijd van 2½-4 jaar voor geïndiceerde peuters; VVE-kinderopvang (van maximum 6 uur per dag) voor een peuter van toeslagouders (met KOT). Er geldt een maximum per kind van 975 uur in de leeftijd van 2½-4 jaar voor geïndiceerde peuters. 2.. De verleende subsidie kan, bij uitzondering, deels ingezet worden om de peuter na de vierde verjaardag langer op de VVE-kinderopvang te laten verblijven. Hiervoor gelden de volgende voorwaarden: Er is sprake van een speciale zorgbehoefte, onderbouwd door een zorgprofessional, waardoor het kind nog niet kan starten op het primair onderwijs; De mogelijkheid voor de inzet van een Sociaal Medische Indicatie (smi) wordt in kaart gebracht; De VVE-peuteropvang maakt samen met de ouders, de school en andere betrokken professionals een plan voor het kind; De gemeente wordt betrokken bij het toepassen van deze uitzondering, waarbij rekening gehouden wordt met het beschikbare budget.

Rechtspraak bij dit artikel