Onverminderd hetgeen bij of krachtens de wet geregeld is met betrekking tot de loondoorbetaling bij ziekte, worden, voor de toepassing van het bepaalde in hoofdstuk 7 van de CAR/UWO-regeling gemeente Steenbergen 1997 inzake het recht van de ambtenaar op doorbetaling van de bezoldiging, de toelagen als bedoeld in de artikelen 22 en 23 van deze bezoldigingsverordening slechts geacht te behoren tot de bezoldiging tot een bedrag dat overeenkomt met hetgeen in de twaalf kalendermaanden, voorafgaande aan de datum waarop de verhindering tot het vervullen van de betrekking is ontstaan, gemiddeld per maand aan die toelage is toegekend c.q. uitbetaald. Voorzover de ambtenaar op evenbedoelde datum minder dan twaalf kalendermaanden zijn betrekking heeft vervuld wordt gerekend met het bedrag dat hem gemiddeld per maand is toegekend c.q. uitbetaald over het tijdvak waarin hij voor het ontstaan van de verhindering in dienst is geweest, tenzij dit tijdvak geen adequate maatstaf is voor het bepalen van de gemiddelde bezoldiging per maand over een kalenderjaar gezien.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 26
Artikel 26
Onderdeel van Bezoldigingsverordening 2001 gemeente Steenbergen