Een verlof, bedoeld in artikel
5.1, kan worden ingetrokken, als:
niet langer wordt voldaan aan de in het vijfde lid van genoemd artikel gestelde
eisen;
gedurende een jaar anders dan wegens overmacht geen gebruik is
gemaakt van het verlof;
zich in het betrokken bedrijf feiten hebben voorgedaan, die de
vrees wettigen dat het van kracht blijven van het verlof gevaar
zou opleveren voor de openbare orde, veiligheid of
zedelijkheid;
niet langer wordt voldaan aan de krachtens artikel 5.2 gestelde voorschriften.