Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.2

Toetsingskader binnen de bebouwde komgrenzen

Onderdeel van Beleidsregels Beter Benutten Bestaande Woonvoorraad en Kavels

1.. Een aanvraag voor het toestaan van splitsing van een woning van een toegelaten instelling waarmee prestatieafspraken worden gemaakt wordt uitsluitend in behandeling genomen (na vooroverleg) indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: er is sprake van een bestaande zelfstandige woning; de te splitsen woning waar de aanvraag betrekking op heeft, moet gebruikt worden voor de functie wonen op basis van het (tijdelijk deel van het) omgevingsplan of een omgevingsvergunning; het pandvlak (zoals opgesteld in de BAG) van de bestaande zelfstandige grondgebonden woning dient minimaal buiten een straal van 30 meter te vallen gemeten vanuit het middelpunt van een hoofdgebouw waarin reeds woningdelen van maximaal drie kamers plaatsvindt of waarin reeds woningsplitsing voor twee woningen plaatsvindt. Hierbij worden ook woningen betrokken waarvoor al eerder een aanvraag is ingediend voor woningdelen voor maximaal drie kamers en woningsplitsing en waarop nog niet onherroepelijk is besloten; in geval de te splitsen zelfstandige grondgebonden woningen is gelegen in de wijken Oud-Zuid en West bedraagt de genoemde straal onder sub b. 50 meter; een bestaande zelfstandige woning mag in maximaal twee zelfstandige woningen worden gesplitst; de minimale oppervlakte vóór splitsing van de te splitsen woning bedraagt 100 m² GBO (conform BAG-basisregistratie); de minimale oppervlakte voor de nieuw te vormen woning na splitsing is conform de geldende woonstandaard vergelijkbaar aan PMC 1 of PMC 2 met een minimale oppervlakte van 42m2 GBO; als de gebruiksoppervlakte van een woning na splitsing groter is dan 60 m² GBO, dient er na splitsing een eigen berging aanwezig te zijn met een minimum van 5 m² GBO per woning waar minimaal het aantal benodigde (brom)fietsen conform de Parkeernormennota Duiven 2018 of diens rechtsopvolger gestald kan worden, waarbij wordt uitgegaan van 1,5 m² vloeroppervlak per (brom)fiets, de berging dient op eigen erf en bij voorkeur inpandig te zijn en dient direct vanaf het buitenterrein bereikbaar te zijn; als de gebruiksoppervlakte van een woning na splitsing kleiner is dan 60 m² GBO, dan mag de berging als een gemeenschappelijke berging worden uitgevoerd, mits de vrij beschikbare vloeroppervlakte minimaal 1,5 m² GBO per woning bedraagt, met een minimum van 5 m² GBO; de bouwrechten mogen niet meer bedragen dan maximaal was toegestaan op basis van het omgevingsplan of omgevingsvergunning. Hierbij worden de bouwmogelijkheden die er waren vóór de nieuwe situatie gedeeld; de toegang van ieder van de woningen na splitsing vindt plaats via de voor(entree)- of zijgevel van het hoofdgebouw; na splitsing moet worden voldaan aan de parkeernormen uit de Parkeernormennota Duiven 2018 of diens opvolger; de te splitsen woning is niet gelegen in een straat waarin parkeerregulering door middel van vergunningen van toepassing is (niet zijnde een parkeerschijfzone); 2.. Een aanvraag voor het toestaan woningsplitsing door een particuliere eigenaar wordt uitsluitend in behandeling genomen (na vooroverleg) indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: er is sprake van een bestaande zelfstandige vrijstaande woning; het pand waar de aanvraag betrekking op heeft, moet gebruikt worden voor de functie wonen op basis van het (tijdelijke) omgevingsplan of een omgevingsvergunning. het pandvlak van de bestaande zelfstandige grondgebonden woning dient minimaal buiten een straal van 30 meter te vallen gemeten vanuit het middelpunt van een hoofdgebouw waarin woningdelen van maximaal drie kamers plaatsvindt of waarin woningsplitsing voor twee woningen plaatsvindt. Hierbij worden ook woningen betrokken waarvoor al eerder een aanvraag is ingediend voor woningdelen voor maximaal drie kamers en woningsplitsing en waarop nog niet onherroepelijk is besloten; in geval de te splitsen zelfstandige grondgebonden woningen is gelegen in de wijken Oud-Zuid en West bedraagt de genoemde straal onder sub b. 50 meter. de aanvrager van de woningsplitsing is de eigenaar en bewoner van de te splitsen woning; een bestaande zelfstandige vrijstaande woning mag in maximaal twee zelfstandige woningen worden gesplitst; de minimale oppervlakte vóór splitsing van de te splitsen woning bedraagt: 200 m² GBO (conform BAG-basisregistratie); de minimale oppervlakte voor de nieuw te vormen woning na splitsing is: 90 m² GBO en/of; Conform de geldende woonstandaard vergelijkbaar aan PMC 4. Er dient na splitsing een eigen berging aanwezig te zijn met een minimum van 5 m² GBO per woning waar minimaal het aantal benodigde (brom)fietsen conform de Parkeernormennota Duiven 2018 of diens opvolger gestald kan worden. Waarbij wordt uitgegaan van 1,5 m² vloeroppervlak per (brom)fiets. De berging dient op eigen erf en bij voorkeur inpandig te zijn en dient direct vanaf het buitenterrein bereikbaar te zijn; de bouwrechten mogen niet meer bedragen dan maximaal was toegestaan op basis van het omgevingsplan of omgevingsvergunning. Hierbij worden de bouwmogelijkheden die er waren vóór de nieuwe situatie gedeeld; de toegang van ieder van de woningen na splitsing vindt plaats via de voor(entree)- of zijgevel van het hoofdgebouw; na splitsing moet worden voldaan aan de parkeernormen uit de Parkeernormennota Duiven 2018 of diens opvolger; de te splitsen woning is niet gelegen in een straat waarin parkeerregulering door middel van vergunningen van toepassing is (niet zijnde een parkeerschijfzone).

Rechtspraak bij dit artikel