Naar hoofdinhoud
1.. De commissie kan zich voor het inwinnen van inlichtingen wenden tot daartoe door het college aangewezen ambtenaren. 2.. De commissie kan zich doen bijstaan door andere personen, voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is. 3.. De in het eerste en tweede lid bedoelde personen kunnen op uitnodiging van de commissie als adviseur deelnemen aan de beraadslagingen. 4.. Door de commissie kunnen maximaal drie lokale burgerleden en hun plaatsvervangers worden benoemd. Zij worden benoemd op persoonlijke titel op grond van de professionele deskundigheid op het gebied van erfgoed of op het gebied van andere aan ruimtelijke ordening gerelateerde onderwerpen, die nodig is voor de advisering, alsmede op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. De burgerleden en hun plaatsvervangers worden benoemd op persoonlijke titel op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. Burgerleden die geen aantoonbare professionele deskundigheid bezitten, hebben geen stem maar geven slechts op basis van hun lokale kennis hun mening of advies aan de andere leden. 5.. Op de benoeming van de in het vierde lid genoemde burgerleden is artikel 5 van overeenkomstige toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel