Naar hoofdinhoud
1.. De bijstandsnorm of de toeslag voor de alleenstaande, de alleenstaande ouder of de gehuwden wordt lager vastgesteld voor studerenden of indien de deelname is beëindigd aan onderwijs of beroepsopleiding op grond waarvan aanspraak bestond op studiefinanciering op grond van de Wet op de studiefinanciering 2000 of op een tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en de schoolkosten op grond van hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten. 2.. Van een recente beëindiging van de deelname aan onderwijs of beroepsopleiding als bedoeld in het eerste lid is sprake zolang nog geen periode van een halfjaar is verstreken, gerekend vanaf het tijdstip van die beëindiging. 3.. De verlaging als bedoeld in het eerste lid bedraagt 15% van het netto minimumloon. 4.. De in het derde lid bedoelde verlaging vindt bij voorrang plaats op de toeslag.

Rechtspraak bij dit artikel