Naar hoofdinhoud
1.. Het vermogen wordt vastgesteld op basis van de vermogensbestanddelen op het moment van de aanvraag. Dit gebeurt op dezelfde manier als bij een aanvraag voor algemene bijstand. 2.. Artikel 34 lid 2 van de wet is ook van toepassing, tenzij anders bepaald in deze beleidsregel. 3.. De vermogensgrens op het moment van de aanvraag wordt toegepast bij de vermogensvaststelling. 4.. Bij de vermogensvaststelling van een zelfstandige of parttime ondernemer wordt het voor het bedrijf noodzakelijke vermogen niet meegerekend. 5.. Bij co-ouderschap wordt de co-ouder als gezin beschouwd. Hierbij worden de regels van de Belastingdienst over co-ouderschap gevolgd. 6.. Bij een eigen bewoonde woning met bijbehorend erf met een overwaarde van meer dan € 100.000 kan in redelijkheid van de aanvrager verwacht worden dat hij zijn woning (verder) bezwaart. Bij een overwaarde van meer dan € 400.000 kan verwacht worden dat de aanvrager zijn woning verkoopt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel