**1..** De voorzitter is bevoegd binnen een aan hem bij de begroting beschikbaar gesteld onderzoeksbudget uitgaven te doen voor de uitvoering van de werkzaamheden van de rekenkamer. Het onderzoeksbudget wordt jaarlijks geïndexeerd met het in de gemeentelijke kadernota opgenomen percentage voor prijsstijgingen.
**2..** Ten laste van het in lid 1 bedoelde budget worden de kosten gebracht van:
ambtenaren van de rekenkamer met wie krachtens artikel 5 op voordracht van de voorzitter door het college een arbeidsovereenkomst is aangegaan;
inschakeling van externe deskundigen door de rekenkamer (een onderzoeksbureau mag geen opdrachten krijgen als een rekenkamerlid bij dat onderzoeksbureau werkzaam is);
de vergoedingen voor het zelf uitvoeren van een onderzoek door de rekenkamer tot een maximum van een derde van dit onderzoeksbudget;
overige uitgaven die de rekenkamer nodig acht voor de uitvoering van zijn taak.
**3..** De rekenkamer verantwoordt de baten en lasten van het vorige begrotingsjaar in het jaarverslag aan de raad, als bedoeld in artikel 185, vierde lid, van de wet.