Naar hoofdinhoud
a.. Het is verboden bij het varen of anderszins, in de hout-, beton-, ijzer- of metselwerken van de haven, die daarvoor niet zijn bestemd, met enig voorwerp te steken of in te haken. b.. Het is verboden in de haven een paal, vlonder, vlot, mast, balk, trap, steiger of een dergelijk voorwerp te leggen, te plaatsen of te hebben zonder vergunning van het college. c.. Het is verboden, zonder daartoe bevoegd te zijn, de steigers, loopbruggen of toegangstrappen te betreden. d.. Het is verboden gemeentelijke reddingmiddelen te gebruiken, anders dan bij onmiddellijk dreigend gevaar voor verdrinking. e.. Het is verboden voorwerpen of materialen van welke aard dan ook van de wal of overboord in het water van de haven te werpen, te laten vallen, te pompen of te doen vloeien. f.. Het is verboden oliën, vloeistoffen, kleurstoffen, vuilnis, afval, fecaliën, chemicaliën en dergelijke stoffen van de wal of overboord in het water van de haven te werpen, te laten vallen, te pompen of te doen vloeien. g.. Het is verboden in de haven te zwemmen, te plankzeilen, te supboarden, gebruik te maken van een waterscooter/jetski of te waterskiën. h.. Het is verboden in de haven signalen te geven of te doen geven, anders dan ter voorkoming van een aanvaring. i.. Het is verboden door het in werking hebben van de motor van een vaartuig onnodig geluidshinder te veroorzaken. j.. Het is in de haven, zonder toestemming van het college, verboden belangrijke herstellingen, waaronder begrepen het afstralen en/of metaliseren, aan vaartuigen te verrichten of te doen verrichten.

Rechtspraak bij dit artikel