Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.7

Artikel 2.7.1

Algemene plaatselijke verordening (APV)

Onderdeel van Nota Dierenwelzijn

In de APV en in het Algemeen aanwijzingsbesluit, zijn regels opgenomen die betrekking hebben op dieren. Een aantal regels zijn ter bevordering van het welzijn van dieren. Andere regels zijn er om de ervaren overlast van dieren op mensen te beperken. De regels gaan over: Het verplicht aanlijnen van honden binnen de bebouwde kom, het verplicht opruimen van uitwerpselen van honden en het verplicht hebben van een identificatiekenmerk van de hond. Als de burgemeester het gedrag van een hond gevaarlijk of hinderlijk acht, kan hij de eigenaar van die hond een aanlijngebod of een aanlijn- en muilkorfgebod opleggen. Dit geldt als de hond verblijft of loopt op een openbare plek of op het terrein van iemand anders. Het houden of voeren van hinderlijke of schadelijke dieren, waaronder meeuwen. De burgemeester kan maatregelen nemen bij ernstige hinder van dieren. Dit gaat in samenwerking met de politie. Paarden op het strand zijn verboden op aangewezen delen van het strand, tijdens een aangewezen periode. Er mogen geen ballonnen worden opgelaten. Naast dat ze hinder en overlast veroorzaken, kunnen resten van ballonnen ook gevaarlijk zijn voor dieren. Er zijn regels opgenomen betreffende het strandreservaat Noordvoort. Die regels zijn onder andere bedoeld om verstoring van vogels en zeehonden tegen te gaan. In het Algemeen aanwijzingsbesluit zijn vuurwerkvrije zones opgenomen. Er is onder andere bepaald, dat op het terrein van dierenasiels- en pensions tijdens de jaarwisseling geen vuurwerk mag worden afgestoken. In het Algemeen aanwijzingsbesluit is bepaald, dat in een woning en de daarbij behorende tuinen en erven (gelegen binnen de bebouwde kom) niet meer dan vier volwassen honden mogen worden gehouden. Dat is zowel bedoeld ter voorkoming van overlast voor de buren als voor het welzijn van de honden.

Rechtspraak bij dit artikel