Naar hoofdinhoud
1.. Aan een rechthebbende kunnen aanwijzingen worden gegeven in het belang van de ordening, de openbare orde, de veiligheid en het milieu alsmede ter voorkoming van gevaar, schade en hinder. 2.. Degene tot wie de aanwijzingen, als bedoeld in het eerste lid, zijn gericht, is gehouden de aanwijzingen onmiddellijk op te volgen.

Rechtspraak bij dit artikel