**1..** Het college stelt de hoogte en de duur van de tegemoetkoming vast.
**2..** Het college verstrekt, indien de noodzaak voor kinderopvang op basis van een sociaal-medische indicatie (SMI) is vastgesteld, de volgende tegemoetkomingen:
Een tegemoetkoming voor de kosten van kinderopvang, waarbij de tegemoetkoming wordt berekend op basis van de periode en het aantal uren per week waarvoor de kinderopvang noodzakelijk is op basis van de sociaal-medische indicatie.
De tegemoetkoming wordt verstrekt tot het maximale uurtarief voor kinderopvang, zoals jaarlijks door de overheid wordt vastgesteld. Kosten voor opvang die boven het maximum uurtarief uitkomen, komen niet voor vergoeding in aanmerking.
De hoogte van de tegemoetkoming wordt vastgesteld overeenkomstig de methodiek van de kinderopvangtoeslag zoals gehanteerd door de Belastingdienst, waarbij het toetsingsinkomen van de ouder en dienst (eventuele) partner wordt meegenomen.
Kosten waarvoor geen tegemoetkoming wordt verstrekt, zijn voor rekening van de ouder. Dit betreft de eigen bijdrage voor de kinderopvang.
Een ouder met een inkomen lager dan 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm op grond van de Participatiewet, of ouders die gebruik maken van een aantoonbare minnelijke schuldregeling (MSP) of wettelijke schuldregeling (WSNP), komen in aanmerking voor volledige vergoeding van de opvangkosten tot het maximale uurtarief. In dit geval is de ouder geen eigen bijdrage verschuldigd voor de kosten van kinderopvang, tot het vastgestelde maximale uurtarief.
Hoofdstuk 2
Artikel 7
Vaststelling tegemoetkoming kinderopvang
Onderdeel van Verordening Sociaal Medische Indicatie (SMI) gemeente Borne 2025