**1..** Voor de berekening van de precariobelasting wordt met betrekking tot een in de tarieventabel genoemde lengte- of oppervlaktemaat een gedeelte daarvan als een volle eenheid aangemerkt.
**2..** Indien een tarief per oppervlakte is vastgesteld, wordt de precariobelasting berekend naar de oppervlakte van de horizontale projectie van de voorwerpen, tenzij anders is bepaald.
**3..** Indien de gemeente een vergunning of ontheffing heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, wordt voor de berekening van de precariobelasting aangesloten bij de geldigheidsduur van die vergunning, respectievelijk ontheffing, tenzij blijkt dat het belastbaar feit zich gedurende een kortere periode heeft voorgedaan. In dat geval bestaat aanspraak op ontheffing, waarbij het vierde lid van overeenkomstige toepassing is.
**4..** Indien in de tarieventabel voor een voorwerp tarieven voor verschillende tijdseenheden zijn opgenomen, wordt de precariobelasting berekend op de voor belastingplichtige meest voordelige wijze.
**5..** In afwijking van het bepaalde in artikel 1 wordt voor de berekening van de precariobelasting, indien in de tarieventabel voor een voorwerp wel een kwartaaltarief, maar geen dagtarief is opgenomen, een gedeelte van een kwartaal gelijkgesteld met een kwartaal.
**6..** Indien in de tarieventabel voor een voorwerp een dagtarief, weektarief, maandtarief of kwartaaltarief is opgenomen, en het belastingtijdvak een langere periode omvat dan respectievelijk een dag, een week, een maand of een kwartaal, gelden de betreffende tarieven per dag, week, maand of kwartaal van het belastingtijdvak.
Artikel 6
Berekening van de precariobelasting
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting gemeente Horst aan de Maas 2026