Naar hoofdinhoud
1.. Uiterlijk binnen vier weken nadat de maatregelen zijn uitgevoerd, dient de aanvrager bij het college een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in. Indien er sprake is van uitvoering van een maatregel door een derde, als bedoeld in artikel 5, derde lid, aanhef en onder a, mag de daar genoemde derde deze handeling ook uitvoeren voor de aanvrager. 2.. Een aanvraag om subsidievaststelling wordt op een nader door het college vast te stellen wijze ingediend. 3.. Bij de aanvraag legt de aanvrager in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden over: In geval van uitvoering van een bouwbedrijf, als bedoeld in artikel 5, derde lid, aanhef en onder a en b: de uitgevoerde isolerende en/of energiezuinige ventilatiemaatregelen; de materialen die hiervoor per maatregel zijn gebruikt, inclusief de bijbehorende isolatiewaardes; de hoeveelheid geïsoleerde oppervlakte in m2 per maatregel; de kosten van de maatregelen inclusief BTW via facturen en (betaal)bewijzen, waaruit blijkt dat de maatregelen waarvoor subsidie is verleend zijn uitgevoerd en betaald; foto’s van de situatie, van voor, tijdens en na de uitvoering van de maatregel(en); foto’s van de werkzaamheden, waarbij zichtbaar is: de naam, het merk, soort en dikte van het isolatiemateriaal; indien van toepassing, de benodigde omgevingsvergunning en/of ontheffing. In geval van doe-het-zelf maatregelen, als bedoeld in artikel 5, derde lid, aanhef en onder c: de uitgevoerde isolerende maatregelen; de materialen die hiervoor per maatregelen zijn gebruikt, inclusief de bijbehorende isolatiewaardes; de hoeveelheid geïsoleerde oppervlakte in m2 per maatregel; de kosten van de maatregelen inclusief BTW en een (betaal)bewijzen, waaruit blijkt dat de maatregelen waarvoor subsidie wordt verleend zijn betaald; foto’s van de situatie van voor, tijdens en na uitvoering van de maatregel(en), waarbij op de foto’s van tijdens de werkzaamheden zichtbaar is: de naam, het merk, soort en dikte van het isolatiemateriaal; indien van toepassing, de benodigde omgevingsvergunning en/of ontheffing; een verklaring van de aanvrager dat de maatregelen volgens de instructies en met de daarin genoemde materialen zijn uitgevoerd. 4.. Het college kan ter plekke (laten) controleren of de gesubsidieerde maatregelen daadwerkelijk en op de juiste manier zijn uitgevoerd. 5.. Een subsidievaststelling kan betrekking hebben op meerdere isolerende maatregelen en/of energiezuinige ventilatiemaatregelen. 6.. Het college kan andere dan in het derde lid van dit artikel genoemde gegevens verlangen, indien die voor het nemen van een beslissing op de subsidievaststelling noodzakelijk zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel