Naar hoofdinhoud
1.. De melder wordt door een toezichthouder benaderd voor een huisbezoek. 2.. Tijdens het huisbezoek wordt aan de melder de gelegenheid gegeven om aan de toezichthouder een feitelijk verslag te doen van het bijtincident. De melder wordt door de toezichthouder verzocht om, indien beschikbaar, beeldmateriaal van de schade die het directe gevolg is van het bijtincident over te dragen. Als voor de behandeling van de schade medische hulp nodig was, vraagt de toezichthouder aan de melder om hiervan bewijs aan te leveren. 3.. Van het huisbezoek wordt door de toezichthouder een bestuurlijke rapportage opgemaakt, waarin ten minste wordt opgenomen: Het feitelijk verslag van het gesprek met de melder, Een omschrijving van de aard en omvang van de schade, De naam en het adres van de melder, Indien van toepassing: het ras en de naam van de hond die gebeten is, Het overige dat de melder ter onderbouwing wil toevoegen.

Rechtspraak bij dit artikel