Naar hoofdinhoud
In deze verordening en de daarop gebaseerde besluiten wordt verstaan onder: bedrijfsmatige exploitatie: a) het verhuren van meer dan één onzelfstandige dan wel zelfstandige woonruimte, of b) het voor zichzelf of voor een ander onttrekken van woonruimte, samenvoegen van woonruimte, omzetten van zelfstandige woonruimte, omzetten van onzelfstandige woonruimte, woningvormen of kadastraal splitsen ten behoeve van de werkzaamheden van een onderneming, het ontwikkelen van vastgoed ten behoeve van verhuur of verkoop daaronder mede begrepen; begeleiding: begeleiding als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 door burgemeester en wethouders als maatwerkvoorziening toegekend; behandeling: behandeling, verpleging en zorg op grond van de Wet langdurige zorg; beschermd wonen: beschermd wonen als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, indien door burgemeester en wethouders op grond van die wet het beschermd wonen als maatwerkvoorziening is verstrekt of door hen voor het beschermd wonen een persoonsgebonden budget is toegekend; beschermde woonruimte: de in artikel 13 van deze verordening met toepassing van artikel 41, eerste lid, van de wet aangewezen categorie woonruimte; bouwkundig splitsen: woonruimte tot twee of meer zelfstandige woonruimten verbouwen als bedoeld in artikel 21, eerste lid, onder e, van de wet; burgemeester en wethouders: burgemeester en wethouders van de gemeente Vlaardingen; gebruiksoppervlakte: gebruiksoppervlakte als bedoeld in NEN 2580; corporatie: een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet; eengezinswoning: woonruimte, niet gelegen in een woongebouw waarin ook één of meer andere woonruimten gelegen zijn, met een eigen toegang tot het openbaar toegankelijk gebied; energielabel: de als letter of lettercombinatie uitgedrukte weergave van de energieprestatie als bedoeld in artikel 6.29, derde lid, van het Besluit bouwwerken leefomgeving; herstelsanctie: herstelsanctie als bedoeld in artikel 5:2, eerste lid, onder b, van de Algemene wet bestuursrecht; huishouden: één persoon dan wel meerdere personen die voor onbepaalde tijd een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren en in materiële en in immateriële aangelegenheden in betekenisvolle mate van elkaar afhankelijk zijn; huurprijsgrens: de huurprijsgrens als bedoeld in artikel 13, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wet op de huurtoeslag; hoofdbewoner: degene die als eigenaar of huurder een woonruimte bewoont; kadastraal splitsen: het splitsen van een recht op een gebouw in appartementsrechten als bedoeld in artikel 106, eerste en vierde lid, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek indien een of meer appartementsrechten de bevoegdheid omvatten tot het gebruik van een of meer gedeelten van het gebouw als woonruimte als bedoeld in artikel 22, eerste lid, van de wet; kadastrale splitsingsvergunning: de vergunning bedoeld in artikel 22 van de wet; nieuwbouwwoning: woonruimte die nog niet eerder voor bewoning gebruikt is en niet ontstaan is bij woningvormen of kadastraal splitsen; ontheffing opkoopbescherming: de ontheffing als bedoeld in artikel 41, vijfde lid, van de wet; onzelfstandige woonruimte: bewoonde of kennelijk voor bewoning geschikte of bedoelde ruimte, welke geen eigen toegang heeft of welke niet door een huishouden zelfstandig kan worden bewoond zonder dat dit huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte, waarbij als wezenlijke voorzieningen zoals een keuken en sanitaire voorzieningen, met inbegrip van woonruimte die geen zelfstandige woning als bedoeld in artikel 234 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek is; onttrekken van woonruimte: het anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor of praktijkruimte door de eigenaar aan de bestemming tot bewoning te onttrekken of onttrokken te houden van woonruimte als bedoeld in artikel 21, eerste lid, onder a, van de wet; omzetten van onzelfstandige woonruimte: het van onzelfstandige in zelfstandige woonruimte om te zetten of omgezet te houden van woonruimte als bedoeld in artikel 21, eerste lid, onder d, van de wet; omzetten van zelfstandige woonruimte: van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte om te zetten of omgezet te houden als bedoeld in artikel 21, eerste lid, onder c, van de wet; recidive: van recidive is sprake wanneer een ambtenaar als bedoeld in artikel 33, eerste lid, van de wet binnen vier jaar nadat een bestuurlijke boete is opgelegd voor overtreding van een verbod als bedoeld in artikel 21 of artikel 41, eerste lid, van de wet, een nieuwe overtreding van hetzelfde verbod constateert; samenvoegen van woonruimte: het anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor of praktijkruimte door de eigenaar met andere woonruimte samen te voegen of samengevoegd te houden van woonruimte als bedoeld in artikel 21, eerste lid, onder b, van de wet; verhuurvergunning opkoopbescherming: de vergunning, bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de wet; wet: de Huisvestingswet 2014; woningvormen: het tot twee of meer zelfstandige woonruimten te verbouwen of in die verbouwde staat te houden van woonruimte als bedoeld in artikel 21, eerste lid, onder e, van de wet; woonadres: woonadres als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel o, onder 1°, van de Wet basisregistratie personen; WOZ-waarde: de meest recent, overeenkomstig de Wet waardering onroerende zaken, vastgestelde waarde van de onroerende zaak: waarvoor een vergunning als bedoeld in artikel 21, eerste lid, artikel 22, eerste lid, of artikel 41, eerste lid, van de wet is aangevraagd; of waar in strijd met een in artikel 21, eerste lid, artikel 22, eerste lid, of artikel 41, eerste lid, van de wet opgenomen verbod wordt gehandeld; zelfbewoning: het voor bewoning gebruiken van woonruimte door de eigenaar van die woonruimte, voor zover het goedkope of middeldure koopwoningen als bedoeld in artikel 40, eerste lid, van de wet betreft; zelfstandige woonruimte: woonruimte, niet zijnde standplaatsen, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet waaronder tevens wordt verstaan een zelfstandige woning als bedoeld in artikel 234 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek; zorgaanbieder: de aanbieder als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 of instelling als bedoeld in artikel 1 van de Zorgverzekeringswet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel